“Loop” in de bergen ten Westen van Chiang Mai

1e dag
We halen de huurauto op bij het vliegveld. We hoeven niet te kiezen voor een automaat, want het zijn allemaal auto’s met een automatische versnelling. We nemen de Honda Jazz, lekker compact en pittig.
Het wegrijden en de route naar Chom Tong gaan prima. Links rijden gaat als vanzelf; de linker voorzijde inschatten lukt ook snel. Alleen het richting aangeven is problematisch. Ik vermoed dat onze richtingaanwijzers thuis links van het stuur zitten, al weet ik dat nu niet meer zeker, maar hier zitten ze rechts! Als ik richting aan wil geven, komen de ruitenwissers in acties en voor ik dat weer eens hersteld heb, heb ik de afslag al genomen, het achterkomend verkeer waarschijnlijk in opperste verwarring achter me latend. Maar de Thai zijn heel rustig en voorkomend in het verkeer.

De eerste stop is bij The Royal twin pagoda’s op 2200 m. hoogte. De tuinen rondom zijn mooi aangelegd en kleurig beplant met allerlei koolsoorten. Het korte weggetje omhoog in supersteil en ik snap niet dat er boven zoveel mensen zijn, terwijl er zo weinig mensen omhoog lopen. Dan zie ik even later dat bijna iedereen in het taxibusje gestapt is: dat hadden wij dus ook kunnen doen, maar dat zeggen ze dan niet bij de entree. Niet erg; weer wat calorieën verbrand.

Bij de volgende stop in het Kew Mae Pan Nature Trail krijgen we verplicht een gids mee die geen woord Engels kent. Ze kan nog wel zeggen dat we 1 kilo moeten klimmen en 2 kilo terug. De hele tocht zegt ze geen boe of bah, wijst naar een bordje waarop staat dat hier varens groeien, wijst op een bankje zodat we daar even kunnen gaan zitten en wijst naar de waterval met een fotomaken-beweging.
Ze loopt erbij alsof het hartje winter is (en dat is het hier natuurlijk ook) met haar donsjas en dikke muts. Ik krijg het er nog warmer van dan ik het al heb.
Boven hebben we even een gesprekje met een 
Bosschenaar met kind en Thaise vriendin. Hij probeert een vergelijking te maken van dit uitzicht met de Drunense duinen, maar dat lukt niet zo best. Hij is trouwens een van de weinige Nederlandse toeristen die we hier in Thailand tot nu toe tegenkomen.

In Chom Tong slapen we in een huisje in de velden bij Baan Sun Lom Joy.
“18 euro, no passport!” Het is er nogal primitief, zodat de spiegel  die zowat de hele wand beslaat, nogal uit de toon valt. De kamer toont er in ieder geval wel groter door.


‘s Avonds volgt een zoektocht naar een restaurant die ons uiteindelijk in een food court doet belanden. De menukaart is niet te lezen, dan maar wat aanwijzen.
Het smaakt nog lekker ook.
De ruiten van de auto zijn superschoon!

2e dag
We rijden naar Above the Sea in Mae Sariang.
Het is een mooie route met veel bochten en steile hellingen, maar daar staat dit gebied om bekend. Of liever nog, hier is het berucht om. Iedereen aan wie wij vertelden in Chiang Mai dat we de bergen in gingen, dat ik zelf deze route ging rijden, schudde bedenkelijk het hoofd, prevelde dat het “dangerous” was, dat ik goed uit moest kijken, of vroeg of ik dat wel kon! Het gebeurde zo vaak dat Peter ook ging nadenken of we het zelf moesten gaan rijden of met een chauffeur.
Ik heb er nog geen seconde aan getwijfeld en we hebben er ook nog geen seconde spijt van. Het is heerlijk, die vrijheid!

Als we ‘s morgens wegrijden hebben we niet ontbeten. Dat zat er niet bij voor de €18,— We rijden dus naar de Martini koffiebar waar ze ons gisteravond de weg wezen naar het foodcourt.
We drinken de lekkerste koffie ooit, met een scone.

Met de fiets maken we ‘s middags een tochtje door de velden in het bijgelegen natuurpark. Eigenlijk weer op het verkeerde tijdstip, want het heetst van de dag, maar dan kunnen we na afloop lekker in het zwembadje afkoelen. Het is een leuke tocht, net niet te lang!
We hebben dan al geluncht aan de overkant bij Riverside pad thai, waar we ‘s avonds ook eten na de zeperd bij Sawadee (waardeloze cocktails en dito sfeer) Riverside was heerlijk!

‘s Middags zwem ik maar heel even want verder ben ik hard bezig om erachter te komen of de L op de automaat ook inderdaad Low Gear is en of ik de automaat daar al rijdend in kan zetten.  Uiteindelijk krijg ik via een mede-gast de antwoorden: 2x “ja”.

Morgen gaan we het grootste stuk rijden door de bergen!

3e dag
Door de bergen naar Mae Hong Song.
Prachtige tocht, met ontzettend steile klimmen en dalingen (geen punt met de L😂)

We maken een paar stops:
– Bij de Mae Hu Cave (Diamant cave) met kristalvormige stalactieten.
Eerst worden we naar boven gebracht met een hov (half open vrachtautootje).
Dat is al een attractie op zich. Ik dacht dat we het met de helling naar boven wel hadden gehad, nou nee! Dit had ik niet graag zelf willen rijden; sterker nog: hier was ik afgehaakt!
Daarna gaan we met een meisje naar beneden, de grot in. Fabelachtig!
We gaan heel diep de grot in. Mijn vestje dat ik aangedaan heb vanwege de kou die ik gewend ben ik grotten, kan ik al meteen weer uitdoen. Het is erg warm in deze grot en we mogen niet langer dan 20minuten beneden zijn, want dan krijg je ademhalingsproblemen.
Helaas geen foto’s: want dat is verboden.

Op de terugweg krijgen we te maken met 5 tegenliggers op het eenbaans weggetje. Peter is uitgestapt om te kijken hoe ver ik naar links kan en dan stop ik. De wagens die erlangs moeten, zijn groot en het gaat maar het is millimeterwerk.

– de tweede stop  is bij 3 mist koffie: prachtig uitzicht en lekkere koffie.

– Peter heeft gelezen dat er een Zonnevloemenveld ligt,  omweg van 30 km. heen en 30 km. terug. Hij las dat op een blog van andere reizigers die hier in december naar toe waren geweest en het was zó de moeite waard….
Alle zonnebloemen zijn uitgebloeid, op een enkele laatbloeier na….

– Maar nu we er toch zijn, een km. of 8 verder moet nog een mooie waterval te zien zijn en nu de zonnebloemen zo tegenvallen….
Gelukkig, de waterval staat niet droog! Heel mooi. De plaatselijke zwerfhond is helemaal niet agressief en begeleidt mij zelfs als een p.a. naar het toiletgebouwtje.

We zien vandaag  veel, maar we eten weinig. De lunch is erbij ingeschoten. Kleine compensatie de koffie met sticky rice met banaan, zo’n 8 km. voor de eindbestemming.

In het The Imperial Hotel regelen we een upgrade naar een kamer aan de achterkant met uitzicht op bomen en het zwembad, waar ik alleen maar even ben gaan liggen (water veel te koud voor mij) om na te genieten van deze dag en een beetje te “ontbochten”.

4e dag
Vandaag blijven we rond Mae Hong Son met een rondje door de bergen tegen Myanmar aan.
We rijden richting het Noorden, naar een monnikenbrug. Een mooi plekje met een tempel aan de overzijde. Het levert kleurige plaatjes op. Soms ook wel schrijnende troep….. Er zijn weer verschillende rituelen die voor geluk kunnen zorgen.
Peter werpt geluksmunten in potten. We kiezen voor gezondheid & liefde. Als we erin moeten geloven dat wordt het niks dit jaar.


De tempelwachters gaan met de tijd mee. De ene is moe (volksziekte nr.2) de andere is bezig met zijn tablet (volksziekte nr. 1). Ik weet niet wat ik zie!


(Misschien moet ik de volksziektes even toelichten.
MOE
Ik zie hier in Thailand veel slapende mensen op tijden en plekken waarvan ik denk “Hier zou het beter zijn als je wat actiever was.” Voorbeeldje: je komt op een toeristische plek met kraampjes waar spulletjes en/of eten verkocht zouden kunnen worden, maar de verkoper (m/v) zit/ligt/hangt in diepe slaap achterin de kraam.
TABLET
Ook hier in Thailand zit de tablet/telefoon aan de handen vastgeklonken.
Wij maken er ook gebruik van; best veel zelfs (routes uitzoeken, accommodaties regelen, toeristische info vergaren etc.), Maar niet elke stap hoeft vastgelegd te worden; niet elke leegte opgevuld met een blik op het scherm.
Gelukkig spelen de kinderen op het platteland nog met een stok of een steen.

Daarna rijden we naar het meer in Ban Rak Thai via een fantastisch bochtige en steile weg. Aan het meer lunchen we  (o.a. champignons met theebladeren en dillesoep) met uitzicht.

Via een nog steilere, smallere weg komen we bij Pang Ung waar weer een meer ligt. Hier stoppen we maar heel even om van het uitzicht te genieten en rijden dan terug. Het gaat om de reis en die is heel mooi vandaag.

We zijn op tijd terug voor een paar baantjes in het ijskoude zwembad.

5e dag Rit naar Pai

We beginnen de dag met een bezoek aan de Karen-stam, de “Longnecks”

We hebben veel twijfel vooraf, maar gelukkig geen spijt achteraf.
We worden met een longtailboot overgezet naar het dorp.
Bij het eerste huis zit een jonge vrouw die ons veel  info geeft: de nekringen zijn niet verplicht. Meisjes tussen 5 en 7 kunnen kiezen/ of hun ouders maken de keuze dat weet ik niet precies. Als ze nog jong zijn, b.v. in de pubertijd of zo dan kunnen ze nog op hun keuze terugkomen; als ze ouder worden niet meer, want dan kunnen de verslapte nekspieren niet meer zelfstandig het hoofd torsen.
Ze dragen de ringband dag en nacht, zelfs tijdens het douchen. De ringen kunnen zelfs tot 6 kilo zwaar worden. Nekken worden niet langer, maar de sleutelbeenderen worden naar beneden gedrukt, waardoor dat zo lijkt. M.i. wordt ook de ruggenwervel ingedrukt want ik heb geen langere oude vrouwen gezien.

We spreken ook wat jongere meisjes die geen nekringen dragen omdat ze “er niet van houden”. Ik heb sterk de indruk dat er na deze generatie niet veel “longnecks“ meer zullen zijn.

Dit dorp is 35 jaar geleden ontstaan doordat het Karenvolk uit Myanmar moest vluchten omdat ze met de dood bedreigd werden. Er wonen 210 mensen, er zijn 4 godsdiensten (katholiek, protestant, buddhisme en spiritisme), 5 stammen. Zij voelen zich een familie.

Deze mensen zijn heel open, geven veel info en zorgen dat je je op je gemakt voelt, want de eerste “nek” die je ziet, voelt heel ongemakkelijk.

De tweede stop is bij een vissengrot. Deze ligt in een prachtige tuin. Het is eigenlijk een vijver die een stukje doorloopt in een ondiepe grot en daar kun je door een gat in de bodem de vissen zien en voeren.

De rit is schitterend. Heel steil en een en al haarspeldbocht. Ik heb me uit kunnen leven.

Onderweg tanken we en drinken we koffie. Het meisje van het tankstation blijkt ook serveerster in het totaal verlaten koffietentje ernaast.
Ze kan niet alleen goed ramen wassen maar ook goede cappuccino maken. Ze verontschuldigt zich als ze ons alleen moet achterlaten in de koffiebar omdat er weer klanten zijn bij het tankstation. Als ze ons even later ziet wegrijden, staat ze ons uit te zwaaien.

De aankomst bij Yoma hotel is verrassend. We krijgen een veel kleinere kamer dan geboekt, althans veel kleiner dan op de website vermeld is. Peter protesteert en krijgt een update waar hij nog steeds niet tevreden mee is. Hij protesteert weer en de manager wordt gebeld. De assistent-manager brengt ons naar een grotere kamer, boven het zwembad met 2 ligbanken buiten en vrij uitzicht op de bergen. We zijn tevreden, nemen een duik en rusten uit van de prachtige reisdag.

6e dag
Dit is een echte rustdag.
We genieten van ons balkon. De ligbedden, het uitzicht, de temperatuur, het zonlicht, de rust.

Voor de lunch rijden we even naar de 2 Zusters (no 1 volgens Tripadvisor). Het is een onooglijke klein tentje buiten het centrum en het is er behoorlijk druk. We moeten half binnen gaan zitten, maar dat heeft ook een voordeel: het is er lekker koel.  We bestellen een Pad Thai en die blijft zo lang weg dat we een flinke tijd zitten te kaarten. Maar, dan komt het eten en dat is het wachten waard.
Inmiddels is het restaurantje op ons na, verlaten: kennelijk kwamen we op het drukste, late moment binnen. De eigenaar komt vragen of het smaakt en maakt een praatje over zijn gerechten en vraagt waar we vandaan komen, Als hij hoort dat we uit Nederland komen, gaat hij naar zijn geluidsinstallatie en even laten schalt Guus Meeuwis met Brabant door de zaak. De muziek heeft hij van Nederlandse vrienden gekregen, glundert hij.

Na de lunch vervolgen we het programma van de ochtend: rundum Hause…
Blog bijwerken.
Dat is met deze tekst gebeurd.

Morgen gaan we naar Myanmar.

Geplaatst in Uncategorized | 2 reacties

De laatste 2 dagen in Chiang Mai

Op 2 januari gaan we naar de hoogst gelegen tempel in Chiang Mai: Doi Suthep.
We gaan er met lokaal vervoer naar toe, met een klein half-open vrachtbusje. Daar kunnen normaal een man of 8 in, maar de chauffeurs vinden dat er best 10 man in kunnen. De eerste die we te pakken hebben (je steekt gewoon je hand op als er zo’n rode wagen voorbijkomt) zal ons bij de Universiteit afzetten en vandaar uit kunnen we gemakkelijk verder, zo vertelde onze receptionist(e?).
Als we uitstappen, lukt het in eerste instantie niet om weer een hov (half-open-vrachtbusje) te pakken te krijgen en zitten we bij een soortgelijke auto te wachten op medepassagiers (onder de 10 rijdt hij niet weg). Dat duurt ons te lang en we lopen 50 m. door. Er komen tig hov’s voorbij en als we besluiten onze hand op te steken, is het gepiept: we hebben vervoer en nog hartstikke goedkoop ook. Er zijn namelijk chauffeurs die wel met 8 man vertrekken (of minder) en die laten ze meer betalen en rekenen op bijvangst; het worden steeds meer echte ondernemers, die Thai!

Doi Suthep is een toeristische trekpleister. Het tempelcomplex ligt boven op een berg en je kunt er met trappen en met een lift naar toe. Wij zouden met de lift gaan,  had ik begrepen, maar dat blijkt niet zo te zijn want Peter haakt af bij de lift met de mededeling dat we elkaar boven hopelijk kunnen vinden (“Wacht jij boven aan de trap?”). De rijen voor de lift zijn behoorlijk lang, maar ja, ik heb nu eenmaal een kaartje. Uiteindelijk valt de wachttijd wel mee, maar als ik boven  kom, staat Peter al lang op me te wachten. Het uitzicht over de stad is heiïg , maar mooi. We staan eigenlijk vlak boven het vliegveld. Het is een prachtig  tempelcomplex; er worden veel rituelen uitgevoerd, b.v. een rondje lopen om de pagode onder een doek door die je al lopend doorgeeft aan de achterbuurman/-vrouw. We hebben een mooi gesprek met een Japanner die in 1000 dagen van Japan naar hier gelopen was en terwijl hij dat deed, is zijn tweede kind geboren. Het hele gezin was aanwezig om het hier te vieren…

Er is ook veel kitsch (overal waar veel toeristen komen) en dat is jammer. De  bloemen die je ziet, zijn nep; de offertjes die te koop aangeboden worden, is troep.

Als we weg willen, stuiten we ineens op een probleem. Op de plaats waar we onze slippers hebben achtergelaten, is het leeg.
Ja, vind ze dan maar eens terug…. er staan honderden paren slippers en schoenen aan de ingangen van het complex, soms op speciaal daarvoor geplaatste rekken maar vaak ook gewoon daar waar de mensen die dingen uit moeten doen.
Hebben we misschien de verkeerde ingang? Zijn er nog meer van die invalidehellingen waarlangs we naar boven gekomen zijn? Weten we zeker dat we ze daar wel weggezet hebben? Nee, nee, ja, we weten het zeker! Maar ze blijven weg.

Peter gaat op zoek. We spreken een plaats af waar ik op hem wacht en daar gaat hij….Intussen sta, hang, zit ik te bedenken dat die slippers toch eigenlijk niet kwijt kunnen raken. Iedereen komt hier met schoeisel aan, iedereen zet het hier overal zo maar onbewaakt weg, dit is een godsdienstige plek; daar ga je toch geen schoenen van een ander meenemen!; of een grapje uithalen en de slippers verstoppen? Ja, dat kan natuurlijk wel…. Nou ja, ik heb nog een paar slippers bij me, maar dan moeten we wel blootsvoets naar huis, kan wel natuurlijk, maar dan nemen we toch wel een gewone taxi…. etc, etc,
Peter blijft heeeel lang weg; ik ga eens kijken of ik hem ergens onderaan de trap zie (we hebben dacht ik boven afgesproken, toch?) en ja, hoor daar staat ie, mét onze slippers.

En zo gaat het in Thailand. Het loopt vaak anders dan je denkt, maar het komt goed!

De laatste dag hebben we geen programma. Na het ontbijt stelt Peter voor om eens een bezoekje te brengen aan de Universiteit. Dat schijnt te kunnen. Er zijn daar tours met een open bus over de campus. En zo rijden we een uur later over het universiteitsterrein. Het is de oudste universiteit van Thailand (1946). Ik vind de gebouwen van de verschillende faculteiten verschillen van “niks bijzonders” tot “foeilelijk”, maar het terrein zelf ligt in een groen gebied en tegen de berg aan waar Doi Suthep ligt. Er is bovendien een groot meer dat gebruikt wordt voor de watervoorziening en daar maken we even een stop voor een verplichte fotoshoot. We maken er het beste van!

Na de tour drinken we een lekkere cappuccino op het terrein. Dat doen we wel vaker, een cappuccino drinken, maar ik schrijf erover als het een hele lekkere is!
Omdat we daarna zin hebben om wat in een bosrijk gebied te wandelen, proberen we via een soort sluiproute op of naast het Universiteitsterrein te geraken en dat lukt best wel aardig. Niet op het terrein zelf, maar wel in een parkachtig deel ernaast. En, even later staan we voor de ingang van de Zoo. We kijken elkaar aan; een paar dagen geleden waren ook in de Zoo in Ubon. Maar daar hadden ze geen aquarium en hier wel….
En dat is maar goed ook, want het Aquarium is werkelijk schitterend, maar de rest is als dierentuin van zo’n grote stad echt een aanfluiting, met als dieptepunt de pinquins.
–  Er worden golfkarretjes te huur aangeboden, maar als je ze wil huren staan er wel 30 klaar, maar je krijgt er geen;
– Overal buiten en ín het park wordt reclame gemaakt voor de panda’s, maar het pandaverblijf is gesloten;
– De afstanden tussen de verschillende onderdelen zijn heel groot en superstijl, zodat je uiteindelijk begrijpt waarom het is toegestaan om de dierentuin ook met je eigen auto te bezoeken!;
– Als je het bord Oerang Oetangs volgt, kom je uit bij 1 zeer verdrietig kijkende Oerang Oetang;
– Op het plattegrondje staan weggetjes vermeld die er gewoon niet zijn!
– En de pinquins….ze staan op een betonnen plaat met een geschilderde ijsschots voor een vijvertje waar onze goudvissen nog dood in zouden gaan, vermoed ik.
Een trap naar beneden moet ons dan leiden naar uitzicht op de onderwaterwereld waar de pinquins zouden zwemmen. Twee verduisterde ramen en een trap omhoog.
En zo kan ik nog wel even doorgaan.
Na een tijdje werden we er zo melig van dat we erom konden lachen.

Toen we weer terug in de stad waren, hebben we een lekkere massage genomen bij ex-gedetineerden. Ik weet niet wat ze in het verleden allemaal uitgevreten hebben, die dames, maar masseren kun je blijkbaar leren! TOP.

 

 

Ik maak er verder geen woorden aan vuil.

Geplaatst in Uncategorized | 1 reactie

Oud en nieuw in Chiang Mai

Tegen 11 uur ‘s avonds wandelen we naar de Tha phae gate. Daar ligt een plein dat met oud en nieuw de “place-to-be” moet zijn. We boffen dat we zo lekker dichtbij wonen.

We hebben geen idee wat we eigenlijk kunnen verwachten hier, maar als we 100 meter de hoek om zijn, zien we het al. Honderden wensballonnen worden opgelaten en ze zweven als een lichtend lint omhoog. Wat een prachtig gezicht.


Ook links en rechts zijn mensen bezig met een wensballon. Het ontroert me om een man alleen te zien, die zijn ballon loslaat en nog minutenlang met de armen omhoog meewijst naar…ja, wat of wie?


Aan de rand van het plein weet ik nog een plekje te bemachtigen op een stenen bankje. Naast me zit een verkoopster van kleurige, lichtgevende artikelen (ballonnen, diadeems, armbanden etc.) Zij heeft niet veel klandizie, de meeste mensen zijn al voorzien. Aan de andere kant zitten een paar jonge meisjes die het druk hebben met hun telefoon. Ze appen, fotograferen zichzelf en elkaar en telefoneren. Als er een verkoopster langs komt met kleine mandjes met dito vogeltjes, slaat ze haar slag. Ze koopt een mandje  (100 Bath = €3) en bevrijdt de vogeltjes binnen de minuut. Dat is ook de bedoeling van deze aankoop. Of je dat ook moet doen met de vissen die de dame in een plastic zak aanbiedt? Gooi je die ook in het stadskanaal waaraan we zitten? Geen idee.

We genieten van het schouwspel. Volgen de wensballonnen. Dan weer hangt er een in de boom en vliegt al dan niet in de brand, dan weer vliegt er een tegen de verlichtingspaal, maar de meeste gaan goed. Soms wordt er gejuicht b.v. als een in de boom vastgelopen ballon toch weer loskomt en de vlucht vervolgt.
Peter en ik laten ook een wensballon op. We worden spontaan geholpen bij het aansteken door een jonge knul. Wat gaat het er hier vredig aan toe.

Dan wordt er afgeteld en daarna wordt er veel gezoend en geknuffeld. En, er wordt ook wat sier- en knalvuurwerk afgestoken. Het oplaten van de wensballonnen gaat overminderd voort. We weten niet hoe lang, want we wandelen rustig naar huis.

Nieuwjaarsdag  zitten we al vroeg op de fiets. De stad lijkt nog te slapen, maar als we bij de Wats komen, blijkt dat niet zo te zijn. De thai vieren nieuwjaar met een bezoek aan de Wat om ook hun wensen bij de Buddha neer te leggen of te hangen.

Wensen worden met een emmertje water naar boven getrokken, met gouden papiertjes op stupa’s geplakt, met banners aan waslijnen gehangen, in envelopjes in grote schalen gedeponeerd. Als we mee willen doen, worden we weer spontaan geholpen zodat we de goede kleur banner pakken, want hij moet wel passen bij je geboortedag en geboortejaar. We weten inmiddels dat Peter in het jaar van het paard geboren is op een dinsdag en ik op een donderdag in het jaar van de os.
Ook hier weer heel veel mensen maar in alle rust….

Het is besmettelijk, want ook ik voel me heel goed en relaxt.

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Chiang Mai

Normaal gesproken weet ik na een dag of 2 wel waar de wc zich bevindt in onze kamer als ik ‘s nachts wakker wordt. Hier weet ik het al om een uur of 3.00 de eerste nacht: bij het voeteneinde linksaf en dan weer links. Ik ben er dan inmiddels een keer of 13 geweest!
Hoe ik me voel? Als een uitgewrongen dweil.

Gisteren was er nog geen vuiltje aan de lucht. Lekker door het oude stadsdeel geslenterd en weer even wennen aan al die toeristen. Wekenlang zagen we er bijna geen, maar Chiang Mai weten ze allemaal te vinden. Bij een reisbureautje boeken we 2 tickets voor een Tai-box evenement die avond. We worden in de B&B opgehaald en ook weer thuisgracht. Dat eerste klopt, dat laatste niet! Gelukkig is het dichtbij en het is lekker wandelweer: Peter ziet hier voor het eerst weer een joekel van een rat voorbijschieten.

 

 

 

 

 

De tai-boxwedstrijden zijn spannend! Er is een lady-boxer die het tegen een man opneemt. Ze wordt zelfs tot winnaar uitgeroepen, maar daar is het publiek het niet mee eens. Dat is de enige dissonant, want verder is de sfeer prima. Als er tussen de rondes door muziek klinkt van Queen, zingt de hele hal (400 man) als één stem mee.
Een andere wedstrijd gaat tussen 2 meiden. De ene loopt  een Badr Harietje op: ze raakt geblesseerd aan het onderbeen en kan niet verder. Bij  de mannen is het pas echt sensatie: daar wordt er één in de eerste ronde knock-out geslagen. Ik ben blij als ik hem zie bewegen, want hij is een flinke tijd van de wereld.
De laatste partij gaat over de volle 5 ronden. Keihard knokken met een verrassende  (terechte) winnaar.

Ja, en nou lig ik hier weer down en out. Peter houdt zich bezig met wat fietsen in de stad en zwemmen voor mijn deur.
Hopelijk ben ik vanavond een beetje opgeknapt om oud-en-nieuw te vieren op het plein bij de oude stadspoort. Dat schijnt de place-to-be te zijn.

Weer maar even een tukkie doen…. Zalig uiteinde! 🤨

Geplaatst in Uncategorized | 7 reacties

Ubon (2 dagen)

In Ubon zijn we al eerder geweest in hetzelfde hotel The Bliss. Ook nu vind ik het er  weer heel fijn.

We hebben fietsen tot onze beschikking en meteen de eerste middag maken we daar gebruik van. Zonder doel fietsen we langs het vliegveld, over een grote markt, door een park. We komen bij een zeer oude en zeer slecht onderhouden Wat. Het is eigenlijk een schitterend houten “kapel”, midden in een vijver gelegen. Maar wat ziet hij eruit. Binnen is het er stoffig; het hangt vol spinnenraggen en overal ligt duivenpoep. Ergens ligt een verdwaalde bezem, maar die is al lang niet gebruikt. Maar er staan ook schitterende Buddhabeeldjes.


We lunchen vanmiddag bij een all-you-cat-ear Sushi restaurant en het smaakt weer verrukkelijk. Wel veel rauwe vis, maar van superkwaliteit!

De tweede dag beginnen we met een bezoek aan de Zoo. Deze dierentuin bezoek je voor het grootste gedeelte met een treintje óf – zoals wij doen – met een golfkarretje. Omdat het nog niet druk is (wij zijn de eersten die met het karretje vertrekken) heb je het idee dat je alleen door een stuk ongerepte natuur rijdt waar je tussen de herten door rijdt en even later raak je in het oerwoud waar je leeuwen, panters en tijgers ziet.


De grote voliére waar je onderweg doorheen kunt wandelen, maakt grote indruk op ons. We zien vogels en kip-achtigen die we nog nooit gezien hebben en natuurlijk ontbreken de pauwen niet die behoorlijk aan het pronken zijn.

Dat pronkgedrag zien we ‘s middags weer als we in een groot winkelcentrum zijn. In het middengedeelte vindt een contest plaats van hele jonge meisjes (ik schat van 4 tot 8) die per groepje dezelfde sprookjesjurken dragen.  De meisjes zijn allemaal zwaar opgemaakt hebben nepwimpers en allemaal dezelfde getekende wenkbrauwen. De meeste dragen ook schoenen met hoge hakken. Ze zijn allemaal goed gecoacht, weten wanneer ze welke buiging moeten maken, wanneer de handjes op de heupen gelegd moeten worden en wanneer de knie vooruit moet.

Ik zie geen enkel meisje dat zich staat te vervelen of die er de brui aan wil geven, maar ik heb ook geen idee of de meisjes het nu zelf eigenlijk leuk vinden, want ik zie maar weinig plezier.


Het winkelcentrum is groot en ook dit is groots opgezet met kinderspeelpaleis  en bioscoop en een foodcourt waar je U tegen zegt. Betalen met een vooraf gekocht pasje en alle zaken zien er even hygiënisch uit en de gerechten worden allemaal  vers bereid.
De steden in Thailand zijn aan het veranderen en snel ook!
Alleen in de dorpen op het platteland lijkt de tijd nog stil te staan.

Geplaatst in Uncategorized | 1 reactie

Pha Taem National Park (provincie Ubon)

Vandaag bekijken we het Pha Taem National Park op het land i.p.v. vanaf de rivier en dat is een heel ander verhaal.

De rivier stroomt dan ergens diep daar beneden: je staat zelf op de rand van die hoge kliffen waar je vanaf de boot tegenaan keek. Het is geen Grand Canyon, maar het doet me er wel aan denken. Ik begrijp nu pas wat de bootsman me eergisteren allemaal probeerde uit te leggen. In die rotswand bevinden zich 3000-jaar oude tekeningen. Omdat ze zo oud zijn, is het soms niet eenvoudig om ze te kunnen duiden, maar de uitleg die erbij staat maakt veel duidelijk.

Ik loop de kloof in tot en met de tweede sectie met rotstekeningen en dan ga ik op mijn gemakje terug. De ondergrond is rotsachtig en allesbehalve egaal en omdat het nu best goed gaat met mijn enkel, wil ik geen risico lopen de boel de verzieken. Peter loopt de hele loop, maar mist dan op de valreep de laatste sectie tekeningen vanwege een verkeerde afslag die hem ook nog wat extra bush, bush oplevert.

 

 

 

 

 

Aan het begin van het park hebben we ons dan al staan vergapen aan de zogenaamde paddestoelen. Het zijn door vulkanische erupties ontstane rotsen die daarna zo zijn uitgesleten dat er “paddestoelen” door ontstaan zijn. Het is een mooi stuk natuur.

‘s Middags is het behoorlijk warm en we genieten van het zwembadje en de ligstoelen in de tuin en mijmeren over morgen. Dan gaan we verder naar Ubon voor 2 nachten. Daar zijn we al eerder geweest, maar het is ons daar zo goed bevallen dat we er graag nog een tussenstop maken. Op 30 december vliegen we naar Chiang Mai.

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Kerstmis op de Mae Khong

“In het dorp kun je de banden gratis laten oppompen. Dat halen jullie wel.”
We stappen op de mountainbikes en vol goede moed beginnen we het ritje naar het dorp, zo’n 3,5 km.
Wat kan dat ver zijn, zeg!

Op de route zitten een paar flinke hellingen en met die halfplatte banden is het superzwaar. Een keer of twee halen we de top niet en moeten we een stuk lopen. Het is dan inmiddels zo’n graad of 28, schat ik.

Bij de Hondadealer in het dorp  worden de banden inderdaad gratis opgepompt en zetten ze tegelijkertijd Peters zadel dat hinderlijk naar achteren wipt, ook meteen vast. Dat de remmen nauwelijks werken, laten we nu maar niet verhelpen. Dan staan we hier de hele dag: we hebben zin in koffie en willen de Moonrivier in de Mae Khong zien stromen.


De boottocht op de Mae Khong gaat naar het Pha Taem National Park. Vanuit de boot hebben we goed zicht op de steile kliffen en als we even aanleggen, staan we op een rotsplateau waar het water diepe gaten en spleten ingeslepen heeft. Een bijzonder schouwspel. Peter lukt het met hulp van de bootsman om een stukje verder over de rotsen te lopen en in de tussentijd krijg ik van de bootsman uitgebreid uitleg over wat we daar allemaal zien. Dat ik geen Thais versta, deert hem niet: hij gaat gewoon door!
Als Peter terugkomt gaat hij hem weer helpen en ik moet er intussen maar even voor zorgen dat de boot aan de kant blijft liggen…. Nou, dat doe ik: terugzwemmen is geen optie!

Het is een relaxte tour. We zijn de enige 2 passagiers (we zijn trouwens ook de enige boot die ik daar zie, op enkel vissersbootje aan de kant na); we zitten heerlijk in de schaduw en de wind speelt met onze haren. Ik probeer nog even niet te denken aan de 3,5 km. Voor de terugweg.

In het dorp doen we nog  even wat boodschappen bij de Tesco. De terugweg gaat heel wat beter. Met die goed opgepompte banden komen we een stuk gemakkelijker de hellingen op. Naar beneden moet Peter er wel een keer af: hij dreigt gewoon door de remmen heen te gaan. Maar ja, naar beneden lopen is beter te doen dan omhoog.

In het zwembad schudden we al onze inspanningen weer van ons af en de eerste Kerstdag sluiten we rustig af op het resort.
Als we nog even een filmpje willen kijken, lukt dat ons niet. De slaap heeft ons gauw te pakken.

De tweede Kerstdag doen we helemaal niets. Beetje zwemmen, zonnen, lezen, een spelletje kaart…

 

Geplaatst in Uncategorized | 2 reacties

Van Surin naar Khong Chiam

Kees brengt ons ‘s morgens om 6.50 u. naar het station. Ik heb Peter nog net een minuut of 5 langer boven kunnen houden, anders waren we 0m 6.45 u. al op het station  geweest. Maar, Peter houdt van op tijd zijn (ik ook trouwens) en Kees ook!
We hebben dan de rekening van gisteren al besproken, maar hij houdt vast aan het afgesproken bedrag voor de benzine en accepteert geen cent meer “You are my friends!”

Bij het afscheid op het station krijgen  we allebei een hug van hem en spreekt hij (duidelijk tegen beter weten in) de wens uit dat we elkaar nog eens zien. Aandoenlijk vind ik het!
Het is een zeer oud station en zelfs het rangeren gebeurt nog handmatig. Ik vermoed dat het daar niet aan ligt dat de trein meer dan 1 uur te laat vertrekt!

Er is geen airco in de train en de ventilatoren werken niet. Alle ramen dus weer wagenwijd open. Dat van ons wordt op mijn verzoek wat verder dicht gemaakt. We hebben veel plaats: we zitten met zijn tweeën op zo’n 6-persoons-unit. Aan de andere kant van het gangpad hebben we minder geluk. Er komen welliswaar maar 2 mensen zitten, maar het is waarschijnlijk een jonge vrouw met haar licht dementerende moeder, althans met zo’n blik als “Waar, wie en waarom ben ik.” Het is overduidelijk dat haar Tenalady verschoond had moeten worden, maar ja…Ze ziet er verder ook heel onverzorgd uit: vieze handen met nagels met rouwranden. Daarmee zit ze even later garnalen te pellen en lekker op te peuzelen: ze geniet hoorbaar. Haar dochter heeft dan al een zakje of 3 stickey rice met sambal weggewerkt.
Als ze eindelijk uitgegeten zijn, vermoed/hoop ik dat ze een dutje zullen gaan doen. Niets is minder waar. De dochter vist uit haar tasje een pedicuresetje en gaat eens flink aan de slag met de teennagels van moeder. Ze knipt er flink op los. Intussen gaat de verkoop in de trein gewoon door en lopen de verkoopsters niets vermoedend (of wel, wie zal het zeggen?) langs met gebraden kipfilets op een stok en ander lekker eten……. Ik kan er niet langer naar kijken en draai me met de rug naar hen toe om vooral goed naar buiten te kunnen kijken. Mijn shawl sla ik beschermend om me heen. Ik ben blij als ze uitstappen.

In Ubon vinden we meteen een aardige en naar later blijkt goede taxichauffeur die ons naar Khong Chiam brengt. Hij laat zijn kaartje achter voor als we hier  weer vertrekken en we gaan hem zeker bellen over een paar dagen als we naar Ubon gaan.
Het resort aan de Mae Khong is een plaatje. We hebben een fijne rustige kamer, er is een lekker zwembad en de eigenaar is een Nederlander/Duitser/Belg: “…zeg maar een Europeaan.” Hij vindt het niet vervelend om met zijn gasten te praten!

Kerstavond eten we een lekkere biefstuk daar. Buiten ons is er nog één ander stel, dus je kunt gerust zeggen dat we een hele rustige kerstavond hebben gehad!

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Toeren met een tachtiger in een Toyota

Een beetje gespannen stap ik achterin de Toyota. Peter moet maar naast hem voorin komen zitten, want “achterin is het te warm!”
He, wat is dat nou? Ik vond het zo’n aardige man! Is het voor mij dan niet te warm, achterin?

Even later begrijp ik dat hij het goed bedoeld heeft. Ik kan namelijk van links naar rechts gaan verzitten, naar gelang de kant waar de zon binnen schijnt. En dat is nodig ook, want die Toyota’s van 40 jaar geleden hadden geen airco, althans deze niet!

We komen erachter dat onze “chauffeur” humor heeft. Hij rijdt als de beste: niet te hard, maar zeker harder dan 40; hij heeft inderdaad geen “veraf”-bril nodig, want hij reageert alert. Onderweg babbelt hij gezellig met Peter, stelt veel vragen, maakt grapjes.
Het is gezellig.

’s Morgens rijdt hij eerst met ons naar een Kmertempel. Hij is kleiner dan die in Phimai, maar door de mooie ligging en de staat waarin hij verkeert is hij een bezoek zeker waard. Onze chauffeur (ik noem hem maar even Kees, want ik heb geen idee hoe hij eet) is blij dat we de schoonheid van de tempel waarderen.

Daarna hebben we nog tijd om naar een zijdeweverij te gaan.
Ik heb al vaker bij een weefgetouw gestaan, maar hier was toch wel iets bijzonders te zien. Aan één weefgetouw werd door 4 dames gewerkt. Eén die de schering en inslag voor haar rekening neemt (het eigenlijke weefwerk); 2 andere dames die elk aan een kant ervoor zorgen dat de lengtedraden gestroomlijnd aangevoerd worden én nog een dame die 1 etage lager (dus onder het weefgetouw) hetzelfde doet.
Het is wel duidelijk dat de draden maar beter niet in de knoop raken!

Per dag wordt er zo ongeveer een cm. of 7 (met een breedte van 1.20m.) voortgang geboekt. Zij werken voornamelijk op bestelling: momenteel een van het Koninklijk Huis.

Na de lunch thuis, staat Kees alweer na een uurtje klaar. Op naar de volgende en laatste uitdaging voor vandaag: een Boeddhabeeld op grote hoogte, te bereiken door een kleine 250 trappen te beklimmen waarbij je op elke klok 🔔 die je tegenkomt moet slaan: dat brengt geluk. Het is een flinke klim maar we redden het en Peter heeft volgens mij alle klokken aangetikt (op een paar na, die ik van hem overnam  voor de film/foto). Kees heeft ons onder aan de trappen afgezet. Nu moet  hij toch even passen vanwege zijn knieën.
We hebben dankzij hem alweer een fijne dag gehad die we afsluiten met sushi🍣.

Geplaatst in Uncategorized | 1 reactie

Surin

Neemt gij….

Wij zijn door onze vriendelijke hoteleigenaar uitgenodigd om de bruiloftsrituelen van Patchareeya en Nantapat, zijn neef, bij te wonen. Die rituelen vinden voor een deel plaats in het hotelletje waar we verblijven in Surin.

En het begint al vroeg. Om zeven uur zijn er al heel wat gasten. Zo rond half acht komen er een tiental bedelmonniken op bestelling langs. Het toekomstig echtpaar geeft ze samen, honden ineen, geschenken. Daarna worden ze door de monniken toegezongen. Ook wij worden uitgenodigd om eten in de bedelnappen te doen.

Dan is het even wachten op het volgende onderdeel. De bruidegom in spe moet nog toestemming krijgen om zijn bruid te bezoeken. In optocht, met familieleden, nadert hij het huis met zijn bruidsschat waartussen ik ook een varkenskop zie. De groep wordt vergezeld van een dame die af en toe een kreet inzet. De bruidsmeisjes, allemaal in dezelfde kledij gestoken, vormen steeds een hindernis. Nantapat moet beloftes doen en soms zelfs laten zien dat hij gezond en sterk is, om voorbij een met bloemen versierd lint te mogen. Hij roept hard: Ik houd zoveel van Patchareeya (althans, dat zegt onze gastheer). Het is steeds onderhandelen, maar het oogt heel ontspannen.


Vervolgens komen we in een vip-room waar de ceremonie plaats vindt. Eerst wordt er onderhandeld over de bruidsschat. Vervolgens komt de bruidegom binnen en samen met zijn bruid knielt hij  voor een officiele vertegenwoordiger. Nantapat versiert letterlijk zijn toekomstige vrouw met sieraden en trouwringen worden omgedaan. Zij krijgen een kralenkrans op het hoofd en worden ook nog vastgemaakt aan elkaar. Er volgt een toespraak, een zang van de voorganger, er wordt met water gesprenkeld, er worden bloemblaadjes gegooid door de aanwezigen. De directe familie zit rondom het bruidspaar. Symbolische geschenken worden door familieleden om de polsen gebonden. Dit alles wordt bijgewoond door een selecte groep, de andere aanwezigen zijn al lang en breed aan het eten buiten. Als wij wat gaan eten is het meeste al op.

En dan moet de dag voor mijn gevoel nog beginnen. Wat heb je toch veel tijd als je op reis bent!

Gisteravond zijn we al met de fietsen die hier tot onze beschikking staan naar het centrum gereden. Daar is deze week een groot Chinees festival. Het is combinatie van een avondmarkt en een eetfestijn en er zijn een drietal podia met optredens. Natuurlijk ontbreekt het Chinese theater niet, maar we genieten het meest van een jongensband (jongens van een jaar of 10-12) met wisselende zangers: Highway to hell!

Zelfs een tempel ontbreekt niet op dit feest.

Als we tegen de middag op de fiets stappen vragen de meisjes van de receptie (ik schat ze een jaar of 14 en ik denk dat het nichtjes zijn) waar we naar toe gaan. Ze schrikken zich een hoedje als ze horen dat we naar het National Museum willen. “So far….so hot 🥵.” We doen het toch en de afstand valt best mee, maar de hitte inderdaad niet!
Gelukkig vinden we onderweg nog een leuke gelegenheid waar we lekker koel kunnen lunchen en dan kunnen we er wel weer tegen. Het museum is gratis en buiten ons zijn er nog 2 bezoekers en 2 vrijwilligsters die ons voordoen op welke knopjes we moeten drukken om de getoonde muziekinstrumenten te horen. Het is geen Rijksmuseum, maar het is toch interessant. We zien b.v. kleding van de verschillende volken die hier in Isan leven en herkennen de kleding van de bruidegom van vanochtend en kunnen nu concluderen dat hij tot het Kmervolk hoort.

Op de terugweg krijgt Peter te maken met een lekke achterband. Eerst ruilen we nog even van fiets, maar ook ik kom er niet veel verder mee.

Peter probeert nog even bij de Infanterie waar we voorbijkomen of die kunnen helpen, maar tevergeefs: dat “voetvolk” heeft geen fietspomp. Ze wijzen wel naar 500 meter verderop. Daar is een brommerzaak, daar kunnen ze wel helpen. Dat klopt ook. De band wordt opgepompt en we kunnen weer een paar kilometer rijden. Dan staan we gelukkig net voor een onbestemde winkel waar ik ook een compressor zie en de eigenaar pompt hem wel weer even op voor 15 cent!
Zo sukkelen we naar huis en de laatste 500 meter moet er weer gelopen worden.

De eigenaar laat er geen gras over  groeien en brengt de fiets meteen naar de fietsenboer. Het is trouwens sowieso een geweldig aardige man. Hij heeft aangeboden om morgen met ons naar een aantal bezienswaardigheden te rijden. Als we vragen wat hij in rekening brengt, zegt hij dat hij tevreden  is met vergoeding van de benzinekosten. Hij vindt het wel leuk om met ons op stap te want ”hij heeft toch niets te doen.”  Pas veel later komen wij erachter dat deze goede man binnenkort 80 jaar wordt (hij laat trots zijn identiteitskaart zien); dat hij geen steek ziet zonder leesbril (en deze ook nooit bij zich heeft); dat hij met ons gaat rijden in zijn 40(!) jaar oude Toyota. Maar dan hebben we al enthousiast “Ja, graag!” gezegd.

Als ik hem wat later nog een keer tegen het lijf loop, vraag ik hem nog wel of hij morgen zijn bril op zet. “Nee, dat hoeft niet. Veraf  zie ik het nog  heel goed hoor.
En, ik rij toch niet harder dan 40 per uur!”

Als we ‘s avonds willen gaan eten in ons hotel, blijkt alles dicht te zijn en iedereen weg. We wandelen de weg op ons afvragend waar we nu zullen eten als we zien dat er  vlakbij ook een “restaurant” is. We hebben het niet meteen als dusdanig herkend, maar toch…. We worden zo hartelijk ontvangen. Ik mag even mee in de diepvries kijken waar de kokkin de kip uithaalt. Ze wijst op een foto van een gerecht “Willen we zoiets?”. Drie mannen die daar aan een van de 2 tafeltjes zitten schudden ons de hand en de ene die voor DJ speelt met zijn gsm slooft zich uit om voor ons de juiste muziek te vinden. Het eten is goed, het bier lekker koud, de ambiance prima.

Het is een mooie dag geweest.

 

Geplaatst in Uncategorized | 2 reacties