Naar Liepāja

“Go this way! The other one is terrible…roadworks…3 hours!” Onze host komt ons uitgeleide doen en brengt als afscheid een zak met een kilo of 5 appeltjes en augurken voor ons mee “All eco!”

We gaan in Veltspils eerst nog even naar het Ankerpark en daarna bezoeken we het openluchtmuseum dat ernaast ligt. We zien hier weer vissersboten en vissershuizen, maar deze zijn ook binnen goed te bekijken. Alles is tot in de puntjes verzorgd! Er staan zelfs verse bloemen in de huizen. We maken ook nog een tochtje met een stoomtreintje en dan gaan we Veltspils echt verlaten. We hadden niet zoveel verwachtingen van deze plaats, ook al omdat we in Riga een gesprekje hadden met een bewoonster van deze stad, die het maar een stad van niks vond. Nou, ik ben het niet met haar eens: Veltspils is mooi, er is hartstikke veel te zien en te doen, vooral ook voor kinderen. En, de Spa gisteravond was ook boven verwachting relaxt.

Het anchorpark

Het openlucht museum

Een molen gebouwd van houten plankjes

We rijden dus weer naar Kuldiga, waar we rond lunchtijd zijn. We gaan het eerste, het beste restaurant binnen en vinden een schitterend zonnig plekje in de tuin. Het eten is voor het eerst ook echt echt uit de streek: Peter krijgt na zijn goulashsoep een soort aardappelkoekjes en ik na de zalm-met-garnalensoep, krijg haring met gekookte aardappels en hüttenkase met zoals alles hier ruim voorzien van dille. Als je niet van dille houdt, ben je hier de Sjaak want echt alles wordt met dille gekruid opgediend.

Tegen vieren zijn we bij onze eerste overnachtingsplaats in Liepāja, Hotel Roza. Het is een chique hotel met dito kamer op de 1e etage met balkon. Ook wel eens lekker voor 1 nachtje, want morgen liggen we in een doorzichtige ballon te kamperen. Ik heb onderweg de ballonnen al zien liggen. Het zijn natuurlijk geen ballonnen die zweven, maar ik weet geen ander woord. (Morgen komen de foto’s.) We wandelen via het park naar het strand waar we nog genieten van de avondzon.

Daarna zitten we met een glaasje wijn op ons balkon.

 

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Kemeri National Park/Ventspils/Kuldiga

Het laatste avondmaal in Riga is bij een Middeleeuws restaurant. Buiten zit een slaperige wachter die door de deur naar een keldertrap wijst. Beneden worden we opgewacht door een bediende en door een wir-war van onderaardse gewelven naar een tafel gebracht: alles in stijl. kleding, kaarsverlichting, aankleding. Het brood krijgen we in een jutezakje, de wijn in een lomp glas, de soep uit een pot op een vuurtje, etc. Het is een totaalbeleving, al moet ik eerlijk zeggen dat ik wel eens lekkerder gegeten heb. Misschien ook omdat je nauwelijks ziet wat er op het bord ligt. De menukaart hebben we met de zaklamp van de gsm bekeken, maar het lukt niet om met die zaklamp aan ook nog eens te eten! We drinken een afzakkertje bij Ala waar een stevige rockband staat te spelen vanavond en het minder druk is dan eergisteren met de traditionele muziek.

Als we de dag erna met de bus vertrekken naar het vliegveld om de auto op te halen blijkt dat we het buskaartje voor niets gekocht hebben: het is niet alleen Peters verjaardag, maar ook die van Riga, dus heeft iedereen vrij reizen (dat wist die verkoopster gisteren vast niet🤣). We zijn er eerder dan de verhuurder, maar als hij komt hebben we binnen een mum van tijd onze Toyota Corolo richting Kemeri op weten te krijgen. We stoppen onderweg bij Jurmala: the place to be als je naar het strand wilt in de buurt van Riga.
Om er te komen moeten we een toegangsprijs van € 2,– betalen bij een automaat langs de weg. Het lijkt alsof ze er voor de eerste dag staan, want blijkbaar weet niemand precies hoe ze werken, wat een lekker wachtrijtje oplevert en mooie taferelen van mensen die willen betalen, maar niet weten hoe!
Het strand🏖 ziet er uit als veel andere: mooi rul wit zand, een ontzettend diep stuk laag water, veel (inge-) vette lijven, strandstoelen en een paar lekkere terrasjes. De huizen die nog aan de rand bij het strand staan, zijn vervallen: jammer, want vroeger moeten het prachtige huizen geweest zijn.

Het strand bij Jurmala

In Kemeri vinden we snel het familiehuis waar we een kamer geboekt hebben. Het is een eenvoudige kamer, waarbij we gebruik mogen maken van de keuken op de gang.
Koelkast, koffie- en theezetfaciliteiten, borden, mokken, bestek en een klein tafeltje met een paar stoelen. Er is een flinke tuin bij met wat ligstoelen, een schommelbank en bbq-faciliteiten én je kunt er fietsen huren. Dat doen we meteen: morgen gaan we het National Park in op de fiets.
Vanmiddag gaan we de boardwalk doen. Een wandeling over een stuk moeras in het National Park. Het is een flinke wandeling, maar echt de moeite waard in dit apart stuk natuur.

De boardwalk

En dan zitten we op de fiets in het Kemeri National Park. Het is een afwisselende tocht, zeker qua ondergrond. Mul zand, dan weer grint met behoorlijke grote stenen ertussen, dan weer omhoog en omlaag, dan weer stoppen omdat er een boom dwars over de weg ligt, dan weer over stronken en over stukken board die over al te zompige
stukken zijn aangelegd… Als we het parkgedeelte uit zijn, komen wij bij een moerasgebied dat we even later vanaf een vogelobservatietoren eens goed van boven kunnen bekijken. We zien heel wat witte reigers en ook de grote Alba reiger. “In het voorjaar”, zo weet een vogelliefhebster boven op de toren ons te vertellen, “is het een kabaal van jewelste en zijn er heel veel soorten vogels te zien. Nu is het een slecht seizoen voor vogelaars.” Wij genieten er toch van het aparte landschap.

We eten in het dorp Lapmezciems (of all places) en het is lekker (garnaaltjes en forel).
Het laatste stuk is minder spannend, maar een iets beter fietspad is in deze fase van de tocht ook wel weer lekker.

Als we thuiskomen zijn we moe, maar voldaan en rommelen wat rundum hause hier.

Morgen rijden we met de auto naar Kuldiga (westwaarts).

De dag erna wijzigen we de koers: we gaan naar Tukums. Kuldiga doen we woensdag.
In Tukums is niet heel veel bijzonders te zien, maar dat is precies de bedoeling: het gewone leven zien op het platteland. We parkeren toevallig tegenover het Toeristenbureau waar we eeen plattegrondje krijgen waarop een korte stadswandeling staat aangegeven. Als we de hoek omdraaien, waan ik me in een Cubaans straatje. Kinderkopjes, scheve houten huizen en gekleurde gevels, waar de verf afbladdert. De pogingen om wat te renoveren vind ik niet erg succesvol. De isolatie puilt uit en is niet weggewerkt en hier en daar zijn gewoon wat latten tegen het huizen geslagen.

Tukums

Bewoners zien we niet. In een verlaten straat passeert ons aan de overkant van de straat op het smalle stoepje een invalide man (hij mist beide benen) die voorzichtig met zijn karretje langs trapjes en over hellinkjes laveert. We zien hier in Letland veel mannen die één of beide benen missen.
We zien nog een mooi Luthers kerkje uit de 16e eeuw (net als alle musea hier op maandag) en een Russisch Orthodox kerkje waar net een dienst is geweest. We worden vriendelijk naar binnen uitgenodigd door een van de vrouwen, de kerkgangers zijn bijna allemaal vrouwen. Ze hebben allemaal een hoofddoekje op en uit eerbied trek ik ook mijn sjaaltje over het hoofd. Het is mooi binnen en het ruikt ontzettend lekker naar wierook. Meer hoogtepunten komen we niet tegen of het moet de berg sneeuw zijn die voor een of andere sporthal ligt.
We rijden naar het strand bij Engure, waar we onze salade opeten en de pauze ook gebruiken om wat te lezen en daarna gaan we naar de noordzijde van Kemeri National Park. We willen het “blote-voeten-park” gaan lopen. Het blijkt een 3 km. lang parcours
van hindernissen van kleine en grote stenen, houtsnippers, modder, water, houtblokken en andere (k)welnessmaterialen. Het is soms echt niet te doen en dan kun je gelukkig even van de route afwijken, maar ook daar liggen verraderlijke steentjes en anderszins pijndoende zaken. De voeten worden werkelijk gegeseld: ik hoop dat ze er uiteindelijk beter uitkomen.
Het is wel een aparte ervaring om die mooi aangelegde en goed onderhouden route te lopen.

Lunchpauze in Engure

We eten in een restaurant in Lapmezciens, het enige wat open lijkt vandaag, en het is goed en goedkoop: we betalen hier bijna de helft van wat we in Riga betalen.

De avond brengen we door in de tuin.

De reis naar Ventspils

We rijden via het meest Noord-westelijke stad Kolka. Wat een prachtig punt hier op het strand! Je kunt hier zowel de zon zien opgaan als ondergaan.
Vanaf Kolka rijden we via de kust naar beneden: 80 km. verlaten tweebaansweg met een stuk of vier dorpen die je kunt bereiken via een onverharde afslag. In elk dorp wonen nog geen 40 mensen, schatten we in. We bezoeken er twee: in het ene dorp zijn nog houten vissershutten te vinden en in het andere dorp vinden we, behalve een kilometers lang, compleet leeg, prachtig strand, in het bos langs het strand een kerkhof van vissersboten. Die zijn daar terecht gekomen nadat de vissers van de Russische bezetters niet meer mochten vissen.

Kolka

Verlaten vervallen vissershuizen

Botenkerkhof

De westkust

Bij een afslag links komen we bij een radio-telescoop van 34 m. doorsnede: de 7e grootste ter wereld wordt hier trots vermeld. Hij is hier gekomen tijdens de Russische overheersing en op het terrein vinden we nog de restanten van een aantal flats waar personeel gehuisvest moet zijn geweest.
De telescoop wordt nu nog voor wetenschappelijke doeleinden gebruikt.

We zien ook nog een soort afgesloten tunnel (schuilkelders?) en een schuttersputdeksel (?). Mijn fantasie slaat hier misschien op hol, maar het kan evengoed waar zijn.
Bij het appartement in Ventspils worden we opgewacht door de vader van de eigenaar. Hij gebaart ons dat we de auto moeten omdraaien en laat ons met veel bombarie weten dat we hebben gespookrijd/spookgereden op de ventweg waar het appartement aan ligt. Hij verbaast zich erover dat we maar met zijn tweeën zijn. “Jullie hebben een heel groot familie-appartement gehuurd”, zegt hij. Dat klopt: we wilden hier graag op de begane grond iets huren. Het appartement ligt op loopafstand van het oude centrum. De host vraagt of we de eerste keer in Venspils zijn en biedt aan om ons met de auto mee te nemen om wat highlights te laten zien en ons wat wijs te maken in de stad en nog voor we het appartement in zijn geweest, zijn we met hem “en route”. In zijn gebrekkig Engels weet hij toch een boel uit te leggen en als we, nadat we de koffers wel in het appartement hebben gestald, naar het centrum wandelen, voelt dat al niet vreemd meer. We drinken een wijntje op een zonnig binnenpleintje en later eten we buiten bij een krogt (kroeg).

Ventspils

Koeien zijn beroemd in Ventspils

De fontein voor de deur

Kuldiga

De 55 km.lange rit naar Kuldiga valt niet mee. In de eerste 25 km zitten zeker 10 stoplichten zodat het verkeer beurtelings kan doorrijden: de weg wordt gerepareerd en dat is ook hard nodig, blijkt op de stukken waar je dan wel “gewoon” kunt doorrijden.
Het verbaast me dat we hier al weer ooievaars zien. Peter verbaast het niks. “Heb je gezien hoeveel hoogzwangere vrouwen hier rondlopen?”

Ook de start in Kuldiga zelf is niet flitsend: we kunnen het toeristenbureau maar niet gevonden krijgen en daar willen we toch echt even naar toe voor een plattegrondje! Kip-eiverhaal!
Maar dan zijn we los: met het routeplan erbij komen we langs alle highlights. We beklimmen de klokketoren van de Catharinakerk (een hele klus langs die steile trappen). Er hangen twee grote klokken met een zware klepel en ik ben blij dat we op een tijdstip zijn dat ze niet luiden, want we staan op nog geen halve meter en ik zou me rot geschrokken zijn. We zien de hoogste waterval van Letland (4,5 m.!) en de breedste (2 m. hoog en 249 m.breed!). In Villa Bangert is het Kuldiga District Museum gehuisvest waar we een goed beeld krijgen van een appartement van rijke families die hier vroeger leefden.
Nadat we ook nog bij Stenders genoten van een kop soep en een lekkere
pannenkoek, rijden we weer terug. En dan breekt de zon door, een beetje laat maar toch.
Vanavond gaan we naar de Spa.

Kuldiga

De klokketoren

De langste bakstenen brug van Europa

 De breedste waterval

 

Geplaatst in Uncategorized | 1 reactie

Letland-Riga

We zijn nog maar net geland -’s avonds 22.00u. plaatselijke tijd en dus een uur later dan in Nederland- of ik vind het al verrassend.

Het vliegveld ziet er heel modern uit; de koffer rolt bijna binnen een kwartier van de band en de taxichauffeur is behulpzaam (en zwijgzaam, dat wel) en brengt ons met gezwinde spoed naar het Garden Palace Hotel. Dat ligt in het oude centrum en het is niet zo luxe als de naam zou kunnen vermoeden. Maar, netjes en goed genoeg voor een paar nachten.

Omdat het voor ons vroeg aanvoelt, besluiten we nog een verkennend blokje om te lopen. Onze achterbuurman Ala blijkt een fantastische barkelder te hebben met lekker eten, life-muziek en veel volksdansachtig dansende jongelui. Omdat de keuken net gesloten is – 23.00 uur – kunnen we alleen nog wat barfood bestellen, maar dat is me toch lekker bij het glaasje wijn en een pint bier! Vooral de donkere met knofloop geroosterde broodreepjes zijn om je vingers bij af te likken.

 

Na een uurtje houden we het voor gezien en hebben zin in de komende dagen in Riga.

Dag 1:

Peter schrijft op Faceboek:

“Je verwacht van een gids dat hij (of zij) vol trots vertelt over de gebouwen. Maar deze dag is dat anders. Onze eerste gids, Keespers, wandelt met ons, en twintig anderen, door het oude gedeelte van Riga en vertelt over de geschiedenis van de stad aan de hand van een tiental gebouwen. Hij laat het verleden leven met verhalen die vertellen over overheersing, macht, indoctrinatie of verdisneysering. De oudste woningen van de stad zijn niet gerenoveerd, maar gewoon opnieuw nagebouwd. De Soviets hebben de geschiedenis opnieuw herschreven. De Duitsers, de Zweden, de Nederlanders, allemaal komen ze voorbij. En na twee uur kijken we ineens heel anders tegen het historische centrum aan. Alle verhalen zijn doorspekt met een humorvol cynisme ten opzichte van de vele bezetters van het land. Zoals het lelijke donkergrijze gebouw dat door de Russen is gebouwd om popconcerten toe te staan. Dat werd uiteindelijk een groot succes. Maar na de omwenteling, en de onafhankelijkheid, werd het overbodig . “Communism created rock, capitalism killed it.” De fietstocht in de middag gaat door enkele buitenwijken van de stad. Onze gids kan het niet nalaten om de erfenis van het communisme te benadrukken. We zien Stalin’s verjaardagscake. We horen vertellen over het geldverspillende project dat een bibliotheek moest worden. Een lelijke televisietoren doet de Eiffeltoren verbleken. We leren hoe het vrijheidsbeeld van Letland door de Soviets werd ingekapseld en gebruikt als propaganda voor het communisme. Na afloop praat ik nog even na met een Roemeense toerist. Hoe heb jij de tocht ervaren? We hebben dezelfde route gefietst, dezelfde verhalen gehoord, maar toch een totaal verschillende beleving gehad. Voor mij was het soms shockend. Voor hem was het juist heel herkenbaar en bevrijdend. Die Russische heilstaat was dus toch niet zo ideaal als hij dat op school had geleerd?”

Art nouveau

 De Hollandse straat

Plafond in een van de vele kerken van Riga

De gevaarlijkste plek van Riga, een tunneltje dat de bijnaam Un-dressingroom kreeg, omdat daar altijd wel iemand beroofd werd van zijn/haar kleding of schoenen. Wij kwamen er zonder kleerscheuren onderdoor….

’s Avonds eten we bij Oom Wanja, een Russisch restaurant. We laten ons leiden door de adviezen van de ober want zelf hebben we niet zo veel verstand van de Russische kaart, behalve dat we Borsj willen eten: de beroemde bietensoep. Als hoofdgerechtje stelt hij vlees-‘en visdumplings voor. Nou, dan is hij bij ons aan het goede adres: dat doen we! En dan de drankjes: een hoofdstuk apart. We bestellen een roodkleurig voorafje (wijzend naar het voorafdrankje van onze buren): “Ja, dat is lekker, 35% met een lekker bessensmaakje” zegt de ober enthousiast “En bij het eten een lekker lokaal biertje van de tap?”

Hij brengt alle bestelde drankjes in één keer en meer: er komt ook nog een amuse met een homemade Horsereddisch (mierikswortel) wodka op tafel! En die is lekker!!!!

Het is heel goed dat we echt lang moeten wachten op het hoofdgerecht! We krijgen zo voldoende tijd om de soep (Hmmm) en de drankjes weg te werken en zelfs nog een potje te kaarten! De ober komt zich op een gegeven verontschuldigen omdat het zo lang duurt (er blijkt een heel groot gezelschap in de kelder te dineren). Wij zeggen dat wij ons prima amuseren en dat hij zich geen zorgen hoeft te maken, waarop hij ons nog maar eens een Horsereddisch wodka komt brengen. Kortom: we hebben een topavond!

Dag 2

Vandaag gaan we zonder hulp op stap. We beginnen bij het busstation waar we buskaartjes kopen voor morgen. We rijden dan naar het vliegveld om ons huurautootje op te halen, waarmee we onze toer door Letland gaan maken. Het busstation ligt vlakbij de markthallen en een grote open markt, die weer doorloopt op een Strijp-S achtig complex. Dit is leuk om te bezoeken! Natuurlijk hebben iets soortgelijks eerder en elders gezien, maar dit is zo netjes en de sfeer is zo relaxt! We drinken een “slow-coffee” uit Kenya bij een zeer enthousiaste verkoopster die niet te beroerd is om  het “roastingproces” en het inkoopbeleid van deze nieuwe formule uit de doeken te doen. Wij luisteren aandachtig en slurpen ondertussen een verrukkelijke kop koffie weg.

Slow coffee

De vishal

Een van de houten huizen in Riga; ze verdwijnen langzamerhand, maar hier hebben ze toch nog pas een stuk regenpijp vernieuwd.

Aan de overkant bezoeken we het Ghetto- en holocaust Museum. Ik vind het heel beklemmend en indrukwekkend. Er staat o.a. een treinwagon en een huis zoals dat in het Riga- ghetto stond. In een half jaar tijd zijn er in Letland 72.000 Joodse medeburgers vermoord en hier slagen ze erin om dat heel persoonlijk te maken door de manier waarop ook diverse kunstenaars over dit thema exposeren. Om heel stil van te worden….

We wandelen verder via Stalins birthdaycake richting het Radissonhotel en komen onverwacht bij een Lido uit. Dat is een restaurantketen met een La Place-achtige formule waar je met zijn tweeën voor €8,– heel behoorlijk kunt eten: 🔝 Daarna gaan we toch nog naar het Radissonhotel waar je in de skybar op de 27e etage een mooi uitzicht op Riga hebt met voor ons na één dag hier, al heel wat herkenbare punten.

Tot slot gaan we nog even de Russisch Orthodoxe kerk in waar ik snel toch een paar foto’s maak, hoewel het verboden is volgens het bordje. Is het minder erg als ik zeg dat ik de tekst niet kon lezen?

De rest van de middag brengen we op een terrasje door en vanavond gaan we middeleeuws eten in een kelder in de oude stad.

 

Geplaatst in Uncategorized | 1 reactie

Fontvieille (bij Tarascon)

We komen ’s woensdags al rond 11.30 uur aan op de camping en het voelt meteen goed.
Zeer vriendelijke ontvangst, lekker plekje dichtbij het zwembad, restaurant en sanitair.
De tent staat weer in een mum van tijd, wat ons verwondert omdat we voor het eerst deze vakantie met rugpijn uit de auto zijn gestapt: allebei.


De tip van een Nederlandse medekampeerster (neem meteen 2 dagen flink wat paracetamol) werkt prima!

Wij zeggen hier regelmatig tegen elkaar “Zo kan het ook!”
Voorbeeldjes:
– “Neem gewoon even 2 maten van die zwembroek mee naar de tent, pas ze en dan weet je het toch?”
– Bij de receptie staat een bijna lege vrieskist waar je gewoon je elementjes invriest en weer vervangt. Daar komt geen medewerker of euro aan te pas.
– Bij de douches/toiletten hangt een hogedrukspuit aan de wand met de vraag of je na het douchen zelf de ruimte even schoonspuit, zodat de volgende weer een schone douche aantreft. Iedereen doet dat.
– Op donderdagavond is er een moules-fritesavond. 92 kampeerders schrijven in. Als we aankomen staan er op de mooie binnenplaats lange tafels en is er een tafelschikking per land van afkomst, met een genummerd naamstandaardje zodat er geen verwarring ontstaat over de afrekening. Het is gezellig, goed georganiseerd en “all you cat eat”! Een zangduo luistert de zaak op met fijne nummers.

Donderdags maken we een fietstocht langs de dorpen in de buurt. We komen o.a. in St.Remy waar we het hospice bezoeken waar Vincent van Gogh zijn laatste jaren heeft doorgebracht. Ik ben er behoorlijk van onder de indruk, vanwege de omgeving, het gebouw en de triestheid van het bestaan van een groot kunstenaar.
We stoppen ook nog even bij een oude molen en als we terug zijn, hebben we toch weer meer dan 40 km. afgelegd. Het is een mooie tocht geweest.

De volgende dag gaan we met de auto (én de fietsen achterop) naar St.Marie de la Mer, in het zuidelijkste puntje hier, bij de Camarque.
St.Marie maakt mooie herinneringen aan de filosofiecursus los (bij Harrie en Ine in Centre Erasme in St. Etienne des Sorts).
We fietsen langs de mooie kustweg naar de 13 km. verderop liggende vuurtoren vise versa. Een weg die ons voert langs zoutbekkens en flamingo’s.
Op de terugweg wandelen we ook nog in het Ornithologisch park waar we behalve heel veel flamingo’s, ook nog blauwe en witte reigers zien en behoorlijk grote beverratten. We horen heel veel andere vogels tsjielpen en fluiten, maar helaas zijn we geen kenners: soortnamen kunnen we niet geven.

Op zaterdag en zondag storten we ons in het jaarlijkse feestgedruis van de Tarasconen vanwege de komst per boot over de Rhone van de Tatarins (op zondag).
’s Zaterdags houdt dat in dat we de plaatselijke arena ingaan en daar zo’n 2 uur getuige zijn van het spel van een man of 9 tegen één stier.
De stier heeft rond zijn horens een aantal elastiekjes zitten al dan niet van een rood rozetje voorzien. De paar mannen proberen de stier af te leiden en de anderen proberen er, met een soort kammetje gewapend, zo’n elastiekje “af te kammen”, wat de stier wil verhinderen door zijn belager(s) direct aan te vallen. Deze vluchten door over de omheining van de arena te springen en zich vast te klampen aan de hoger gelegen ijzeren hekken waarachter het publiek zit. Ze zijn namelijk niet veilig als ze alleen over de omheining springen, want dat kunnen de stieren ook (dat zagen we verschillende keren gebeuren!) Spannend om te zien en er vallen geen doden, al komen niet alle mannen er zonder kleerscheuren af.


Nadat we op zondag de Tatarins hebben zien aankomen per boot en in optocht naar de stad hebben zien lopen, bezoeken we het kasteel.
Wat een imposant gebouw: zelden zo’n dikke muren gezien! En, omdat er veel actie is (dieren en spellen voor de kinderen) en er veel mensen in traditionele kleding door het kasteel lopen en presentaties houden, waan je je eeuwen terug en krijgt dit bezoek een extra dimensie.

De laatste middag voor ons vertrek terug naar Nederland houden we lekker ons gemak. Dat moet ook wel, want het is heel warm.
Mooie tijd gehad hier in het Zuiden.

Geplaatst in Uncategorized | 1 reactie

Zaterdag t/m dinsdag Vaison-la-Romaine

Het is niet te geloven: tot nog toe hebben we campings gehad waar we nog net niet als enigen stonden en hier komen we bij de beoogde camping en zien we COMPLET!
Een paar kilometer verderop in St.Marcellis-des-Vaison vinden we een mooi gelegen camping Voconce. Voor het aantal dagen dat wij er voorlopig willen staan, zijn nog maar enkele plekken vrij, maar we hebben een mooie te pakken: vrij uitzicht op de wijnvelden en bergen en een eigen parkeerplaats/annex schaduwplek naast ons. Dat plekje wordt echter wel 2 nachten bezet door een jong stel. Maar ik gun het ze. Op zondagavond blijkt dat hij mee heeft gedaan met een grote fietstour van 123 km. waar de Ventoux ook onderdeel van uitmaakte en hij werd 1e in zijn categorie. Trots laat hij de beker zien.
Wij hebben dan ook nog een schitterende fietstocht in het vooruitzicht: morgen gaan wij de bergen in (met elektro-doping weliswaar, maar toch: er moet wel getrapt worden.)
Het is een fantastische ervaring! Heel vaak al heb ik in Frankrijk met de auto tochtjes in de bergen gereden, de meest mooie routes, maar ik heb nooit kunnen vermoeden dat ik hier nog eens gewoon met de fiets zou rijden. De sfeer op die tocht is ook zo leuk. Zwoegende groepjes mannen (en een enkele stoere vrouw) worden door ons tijdens de klim ingehaald; “Ja, ja….” en bij de afdaling is het net andersom. Als wij bij een stopplaats van zo’n groep aankomen, gaan de duimen omhoog, worden er quasi foto’s genomen en we worden vriendelijk toegelachen.
In de verte ligt de Mont Ventoux waar op dat moment weer zo’n grote tour bezig is, maar dan van profs. Dat zien we pas later op de TV als we bij de pizzabakker van de Intermarché een colaatje drinken om wat bij te komen. Ze zitten net in de finale en dan zie je weer eens hoe traag die laatste zware kilometers gaan (en als je net op je fiets in de bergen zat, voel je bijna mee hoe zwaar dat is).
Schitterende dag.

Zaterdag hebben we Vaison al verkend. We wandelen naar het historische gedeelte, maken foto’s van mooie doorkijkjes en stegen. In het nieuwe gedeelte beperken we ons tot een pernodje op de Place Republique die vol staat met kramen met fietsgerelateerde artikelen (we weten nu waarom) en een lekkere Galette in een klein restaurant in een zijstraat. Blijkbaar zoeken we toch steeds naar een plekje buiten het toeristengewoel.

Op dinsdag doen we Vaison nog eens dunnetjes over: dan is de wekelijkse markt. Wij dachten aanvankelijk “Dat zal wel op de Place Republique zijn”, maar de kramen staan over de hele binnenstad verspreid.
We zijn de zoek naar “de paëllebakker op de hoek…” Hoeveel hoeken denk je dat er zijn op zo’n gigantisch grote markt? En, hoeveel paëllabakkers? Maar, ’t is waar: er staat er maar één op een hoekje. Uiteindelijk hebben we verse erwten gekocht en die later lekker opgepeuzeld bij een aardappelsalade!

P. gaat nog een keer naar het zwembad. Ik ga niet mee, want het water is ijskoud en gisteren kwam ik ook niet verder dan 3 slagen in de rondte en hup, snel eruit!
Ik check mijn whatsapp en ik lees dat Anita (die veel voor me betekent) vandaag een slechte uitslag heeft gekregen.
Ik ben uit het veld geslagen, verdrietig, boos.

Geplaatst in Uncategorized | 1 reactie

Laatste 3 dagen in de Haute Languedoc (Bize-Minervois

Lees verder

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Het vestje in Minerve (variatie op een citaat van Baudet).

Op vrijdag komen we aan in Bize: een piepklein dorp zo’n kilometer of 25 boven Narbonne.
Had ik al verteld dat het pijpestelen regende en wij de eerste nacht in een stacaravan op de camping doorbrachten?

Op zaterdag zetten we de tent op in de stralende zon en fietsen we langs het Canal du Midi naar Narbonne. Het is een hele zoektocht, want het is is niet echt goed aangegeven waar de paden liggen. Halverwege worden we geholpen door een oudere man die met een krijtje op een verkeersbord tekent hoe we moeten rijden. Hij blijkt het goed uitgelegd te hebben want we kunnen zelfs 2 Belgische toeristen helpen en zij hebben een officiële routekaart voor fietsers en zijn ook “verdwaald”.
Op de spoorbrug die we over moeten, raken ze wat achterop: de vrouwelijke helft van het koppel “heeft schrik om erover te fietsen” en de man legt het traject 2 x fietsend af en zij loopt over de spoorbrug (haast voetje voor voetje). Als we beneden zijn en op de goede route zitten, wordt er gezwaaid: zij zijn inmiddels de spoorbrug over!
In Narbonne vinden wij vlakbij de kathedraal een fijne lunchplek waar we een galette eten.
(Grappige muurschilderingen in Narbonne)

Als we weer wat bijgekomen zijn van de route die behalve de spoorbrug, ook nog een “passerelletje” over een smalle brug langs woonboten voor ons in petto had, rijden we nog een klein stukje door Narbonne waardoor we weten dat we hier zeker terugkomen en daarna gaan we de weg terug. Als we bijna Narbonne weer uit zijn, horen we aan de overkant roepen: “Hé, onze Hollandse vrienden!” (De Belgen hebben Narbonne ook gevonden😄).
’s Avonds krijg ik ontzettende kramp in mijn been (waarschijnlijk te weinig water gedronken met die 50 km. fietsen in de benen): dat gaat me geen 2e keer overkomen!

Bize is een klein dorp (dat vertelde ik al) aan de rivier de Cesse, die – op een kleine poel vlakbij de brug na – helemaal droog staat.
Er zijn wel veel eetgelegenheden en we hebben al 2 keer bij de Pizzeria gegeten (een salade met geitenkaas in filodeeg).
De tweede keer loopt er een vreemde “dame” op het terras met 3 kinderen bij zich die een beetje om haar heencirkelen. Zij heeft haar oog laten vallen op een knappe jonge knul die daar in het gezelschap van een andere jongen en 2 meisjes zit te eten.
Ze weten kennelijk ook geen raad met de avances en lachen maar zo’n beetje om de situatie. Nadat de “dame” het nogmaals probeert, druipt ze af naar de bar waar ze een fles wijn koopt waarmee ze even later slingerend de weg oversteekt (2 kinderen in haar kielzog, de 3e blijft achter bij een ” vriendin”). Ze verliest onderweg ook nog een schoen die door een van de kinderen wordt opgeraapt, want zij lijkt het niet te merken en vervolgt gewoon haar weg. Het is een vreemd tafereel en ik heb te doen met de kinderen…

’s Zondags gaan we met de auto naar Narbonne, met de fietsen achterop, om de stad eens wat beter te bekijken én om een camping te bezoeken die meer sterren heeft dan de onze (wellicht beter sanitair en betere wifi? én een zwembad). Het klopt alle drie! En toch? Hij ligt erg ver van een dorpje en alle plekken, hoe mooi het uitzicht ook is, zijn zo schuin dat ik vrees dat we ’s nachts het bed uitglijden. Bovendien is de grond keihard. De beheerder is hartstikke vriendelijk en vindt ons vooronderzoek prima, maar het voelt niet goed en we besluiten min of meer ter plekke dat we blijven staan waar we nu zijn: op een primitieve camping in Bize, met een fijne campingbaas (“Gaat alles goed?”), heel veel ruimte, dicht bij die ene WC die nooit bezet is als wij hem willen gebruiken, net zo min als die ene doucheruimte. We voelen ons hier goed.
In Narbonne bezoeken we de kathedraal, in één woord: schitterend. We zien er zelfs weer een zwarte Madonna.


Aan de zijkant in de tuin vinden we ook nog een in steen uitgehouwen gedicht van Gerrit Kouwenaar: de tuin.

En dan de dag erna. ’s Morgens doen we boodschappen bij de Intermarché en omdat het behoorlijk waait maar de zon flink schijnt, gooien we de was in de machine en na een uurtje aan de drooglijn kan hij al weer binnengehaald worden.
Met de auto gaan we daarna naar Minerve (het mooiste dorp in de regio, waar ook de streek Minervois naar genoemd is). De ligging van Minerve is inderdaag heel mooi! Tegen een rotswand aangebouwd met een hoge brug over (alweer) een droogstaande rivier (waarschijnlijk ook de Cesse of een aftakking ervan, want iets voor Minerve komt er nog een rivier bij. Ik weet nog niet welke, maar als ik daar uit ben, vermeld ik het nog even). De parkeerplaats is slechts op 200 meter lopen verwijderd van het dorp, staat op een bord. Wat er niet bijstaat is dat er ook nog 200 meter gedaald moet worden (er na afloop van het bezoek: geklommen!) Het is wel de moeite waard.

Het Catharendorp is wel heel klein, maar gezellig om doorheen te wandelen en na afloop een kopje koffie te drinken op een zonnig terras aan de straat.
Ik vraag me trouwens af of het hier in de zomervakantie geen file-lopen is, want zelfs nu zijn er al flink wat bezoekers.

Als we terug op de camping zijn, ontdek ik dat ik mijn leuke vestje in Minerve heb achtergelaten en dat was niet de bedoeling. We hebben echt geen zin om meteen weer terug te rijden, maar we doen het toch! En, ja hoor, mijn vestje hangt nog over de stoelleuning op het terras.

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Twee laatste dagen in Vendôme/Narbonne

Op zaterdag maken we een stadswandeling. Vendôme blijkt een klein stadje te zijn met veel mooie plekken. Er zijn twee routes en we lopen ze allebei.Het is lekker weer, niet superwarm en een lekker zonnetje.

De dag erna is het weer goed weer en we pakken de fiets voor een tocht langs de Loir. Het is geen schrijffout, want de Loire waaraan we dachten te staan, ligt een stukje zuidelijker. Een goede voorbereiding is het halve werk, maar de andere helft brengt ook verrassingen met zich mee. Het is een heerlijke tocht die goed staat aangegeven. Op één bordje na, dat gedraaid is en daar gaat het dan ook prompt verkeerd. Geholpen daar een Franse coureur komen we via een sluiproute door de velden op het goede pad. Op die sluiproute krijgen we ook nog even wat aanwijzingen van een automobilist (wij vermoeden een opa) die met zijn kleindochter (ik denk een jaar of 9) op schoot deze route gebruikt om haar te leren sturen. In Montoir-sur-le-Loir lunchen we op zijn Frans: een lekker menu voor weinig geld en oh, zo lekker! Hier zien we net als de afgelopen dagen weer een groep oud-militairen met legerauto’s op weg naar Normandië om D-day te vieren.

Op maandag verkassen we naar de Auvergne, een camping aan het Siauvemeer, vlakbij bij Bort-les-Orgues. We zijn helemaal verbouwereerd door de vriendelijke ontvangst hier. We komen aan na sluitingstijd, maar “…neem gerust je tijd om een plaatsje uit te zoeken, ik wacht rustig tot jullie klaar zijn!”

Op dinsdag houden we ons gemak: er is een overdekt, verwarmd zwembad waar buiten ons, nog 2 oudere stellen zijn. De hal is overdekt met een doorzichtige overkapping en de zijkanten kunnen naar wens voor de helft worden opengezet voor een fris windje. Het is er heerlijk. Peter wandelt ’s middags nog langs het meer naar de kasteel verderop: het is geen een eenvoudigewandeling (veel op en af) en tot overmaat van ramp blijkt niet alleen het kasteel op dinsdag dicht, maar ook het bijbehorende café. Gelukkig heeft hij 1 1/2 liter water meegezeuld en heeft hij nog voldoende over voor de terugtocht. Ik vorder gestaag in “De verdwijning van Stephanie Mailer”, van Joel Dicker (een aanrader!).

’s Woensdags wordt regen voorspeld. We gaan er dus met de auto op uit. Het is vooralsnog prachtig weer en de eerste stop is bij het stuwmeer in Bort -les-Orgues. Gigantisch groot verval daar. Daarna gaan we de Orgues zelf. Dat is een bergketen, die er van de verte uitziet als een batterij orgelpijpen (vandaar de naam) en het verhaal gaat dat mensen er ook echt orgelgeluiden horen bij een bepaalde windrichting. Wij horen niets, maar het is wel een schitterende plek met uitzicht op het hele stadje en meer. Op weg naar St-Julien waar we de Dordogne kunnen zien stromen, wil Peter plotseling afslaan bij een bordje dat wijst naar een pyramide. Dat doen we en als we de auto geparkeerd hebben, is het nog maar 1300 meter lopen door een bos. “Dat doen we even tussendoor, toch?” Het is eerder gezegd dan gedaan want het is een flinke klim. Zoals de hele tijd, zijn we de enigen hier zodat je je soms afvraagt of je wel op de goede route rijdt/fietst/loopt. Het blijkt de goede route en het eindpunt is een uitzichtspunt met alweer een mooi vergezicht over het dal. Het enige wat op een pyramide lijkt is de punt die we net beklommen zijn. (Ik vermoed giechelende dorpelingen achter de bomen “Alweer een stel toeristen gefopt”😂).

De Dordogne meandert diep onder ons door de dalen. Mooi om te zien. Na de late lunch, begint het te betrekken en we besluiten terug naar de camping te gaan. We zijn maar net voor de bui binnen en het valt er met bakken uit. Tijd voor Monopoly Deal en het nieuwe kaartspel Triviant. Maar dan wordt het toch weer zoetjesaan etenstijd en net als we ons buiten installeren omdat het droog lijkt te zijn geworden, begint het opnieuw: op naar de Pizzeria in Bort.

Dat heb ik geweten: de hele nacht heb ik me niet echt lekker gevoeld en ik ben er een aantal keren uit gemoeten. Maar, de volgende morgen gaat het gelukkig weer prima! En, omdat het zonnetje weer schijnt besluiten we te gaan fietsen op de Route Verte, een fietsroute over een oude spoorlijn. Maar dan komt Peter terug van de receptie met een vervelend bericht. In Evreux heeft hij een aantal keren een pinpoging gedaan die steeds gecancelled werd, maar nu blijkt dat die bedragen (totaal €300,–) wel zijn afgeschreven. En, het hotel aldaar heeft 5x het bedrag gereserveerd op onze creditcard en 2 x het bedrag afgeschreven, terwijl Peter contact heeft betaald. Nou, daar moeten wat mailtjes tegenaan. Nou wil het geval dat we op deze camping welliswaar gratis internet hebben, maar telkens voor 1/2 uur en dan daarna – na een uur of 4 – weer enz. Dat schiet niet op, zelfs niet met 2 i-pads. Ik vertel de bazin aan de receptie wat het probleeem is en wat denk je? Ze geeft me de code – ongeveer 25 tekens – van de receptie (I trust you, please no downloads, only for “work”). We kunnen aan de slag en daarna: de fiets op! Het is een prachtige tocht, zonder overig verkeer, zodat we ongehinderd kunnen genieten.

’s Avonds eten we in de supermarkt gekochte “kleine mosseltjes”: zelf gekookt op de Coleman!

We checken nog wel even de weerkaartjes voor Frankrijk, wat ons doet besluiten ons oorspronkelijk plan om naar het Westen te rijden, te wijzigen. De enige plek waar het de komende dagen echt goed weer lijkt te zijn is Narbonne, in de buurt van het Canal du Midi. Hier is storm op komst: wegwezen.

Vrijdag: we zijn vroeg wakker en besluiten dat te blijven en gewoon aan het vertrek te beginnen. Het is best goed weer en de tent is hartstikke droog! We douchen, ontbijten en gaan inpakken en nog vóór de receptie open is, zijn we startklaar! We wachten even om af te rekenen en gedag te zeggen en dan zijn we los: op naar het goede weer!

Het eerste stuk gaat nog over kleine weggetjes en dorpjes (ik ontkom niet aan de verkleinwoorden!) en we genieten met volle teugen van het landschap waar de zon haar licht over schijnt. Als we op de snelweg zijn, verandert het weer en binnen de kortste keren zitten we in zwaar weer: flinke wind en stortregens. Dat hadden ze niet voorspeld: we gingen toch naar het goede weer?? Als we in Bize-Minervois aankomen waar de camping ligt die we op het oog hebben, zitten we midden in een wolkbreuk en vluchten we, wadend door de diepe plassen, een pizzeria in (de enige gelegenheid die we zo gauw zien). De camping ligt dan op zo’n 300m. afstand, maar daar kunnen we nu geen tent op gaan zetten. Na de lunch wordt het droog en gaan we alsnog naar de camping waar de Belgisch sprekende eigenaar voor ons een sta-caravan heeft voor 1 nacht enwaar we een kampeerplaats uitzoeken voor morgen. Hij verzekert ons dat het morgen 30gr. wordt en we geloven hem graag! We hebben zelfs op deze plek een redelijke wifi- verbinding!

So far, so good!

(Intussen hebben we al een mail ontvangen van de Codi-pinautomaat waaruit wij opmaken dat het in orde gaat komen met de €300,– : van het hotel nog niets gehoord, maar de driedubbele reservering op de creditcard is ongedaan gemaakt. Nu nog de dubbele betaling voor die ene nacht en dan is dat ook weer in orde!)

(Foto’s plaats ik later, als ik nog betere wifi heb😂)

Geplaatst in Uncategorized | 1 reactie

Au coeur du Vendôme

De ontvangst op de camping Au coeur du Vendôme is verrassend. De eigenaresse zoekt in de computer naar onze naam, zegt “OK” en “Mijn man wijst u naar uw plaats.” C’est tous.

“Mijn man” blijkt een lieve man, die ons heel geduldig uitlegt uit welke gigantisch grote plekken we kunnen kiezen en waar de zon op- en ondergaat! We kiezen een prachtige plek aan de rivier, maar natuurlijk de verkeerde. De zon komt veel te laat op onze plek, waardoor de tent lang vochtig blijft en de zon staat er de hele middag verder aan de voorkant op te branden, dus is het bloedheet daar. Maar dat is geen enkel probleem zolang we daar staan: schaduw is er altijd te vinden. Het wordt pas een probleem de ochtend van vertrek naar de Auvergne, maar dat duurt nog 4 nachten…

(Het is lang licht ’s avonds: heerlijk!)

Een volgende verrassing vinden we in de ruimschoots aanwezige toiletten. Netjes, dat wel gelukkig, maar alle fantastisch mooie toiletpapierhouders zijn leeg. En dat blijven ze! Goed voorbereid naar het sanitair dus.

Peter gaat even om de wifi-code vragen en neemt wat koelelementjes mee. Hij komt terug met een zeer ontevreden gezicht: voor de wifi moet per uur (!) betaald worden en er is geen plaats in de vriezer voor 2 kleine koelelementen (hij ligt vol met ijsco’s waarvan ik me afvraag wie die hier in vredesnaam gaan afnemen de komende weken: geen kind te zien en de bejaarden die we hier rondom ons zien, zullen in hun luxe campers hun koelkasten zelf wel vol ijsco’s hebben liggen of bestellen een grote coupe ijs op een van de vele terrassen in het gezellige stadje.) Ik kan het niet verkroppen en ga met 2 koelelementjes naar de receptie. Ik passeer onze voorburen (een Engelse heer van stand met zijn echtgenote). Nadat ik ze gegroet heb, vraag ik hen of ze weten hoe ik de elementjes bevroren krijg, omdat er geen plaats is in de ijscokist. Het probleem is opgelost: hij heeft een grote vrieskist en daar mogen we ze opladen. “I wont’t charge you for charging”, zegt hij met een big smile.

Even later ga ik het toch ook nog eens proberen bij de receptie. Ik heb geluk. “Mijn man” staat in de buurt van de ijscokist voor de receptie iets te repareren en kijkt me vragend aan. Ik vertel hem dat we grote koelproblemen hebben (het is de komende 2 dagen erg warm) en hij zegt dat hij wel plaats maakt tussen de ijsco’s. Dus aan koelelementen geen gebrek de komende dagen. Als ik bij het wisselen de eigenaresse zelf aantref, wrijft ze me weer maar eens in dat ze eigenlijk geen plek heeft ivm de ijsco’s. Een rotopmerking over de verkoopcijfers deze week slik ik maar in: ik denk dat ze het niet gemakkelijk heeft.

Morgen gaan we de stad verkennen aan de hand van een stadswandeling.

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Rondje Frankrijk

De huiskamer staat vol met kratjes, zakken, bbq, campingtafel, en -stoelen,  slaapzakken en tent. Checklist erbij en aanvullen en afvinken. De laatste voorbereidingen voor een rondje Frankrijk met de tent. De weersvoorspellingen zijn voor het weekend alvast gunstig en vrijdag is ook pas de eerste dag dat we het tentje opslaan.

De eerste overnachting is in een Best Western in Evreux. Als we het stadje inrijden (we zijn dan al door 4 departementen gereden weet Peter me onderweg te vertellen) worden we op de eerste rotonde aldaar verrast door een groep zogenoemde “gele hesjes”. Op TV ziet het er anders uit dan in het echt hier. Op TV zie je zeer ontevreden, strijdvaardige mannen en vrouwen die voor de goede zaak een geel hesje aangetrokken hebben en zo laten zien waar ze voor willen staan (al is dat mij niet helemaal duidelijk). Wat ik onderweg wel vermoed is de armoede in deze streek: zo veel troosteloos vervallen huizen en leegstand in veel dorpen. Op deze rotonde lijkt het meer een groepje daklozen die gezellig samenzijn vanwege Hemelvaart en voor de veiligheid een geel hesje aangetrokken hebben.

Het inchecken duurt nog geen 2 minuten en de kamer ziet er prima uit. We hebben alleen het hoognodige uit de auto mee naar boven genomen en een paar minuten later wandelen we naar het centrum. Er stroomt een kleine beek doorheen en de gotische kerk is vooral aan de buitenkant heel mooi, ook al ontbreekt er hier en daar een beeld. Omdat we onderweg alleen gestopt zijn voor koffie en daar wat meegenomen eierkoeken bij gegeten hebben, zoeken we naar een leuk terrasje voor een hapje en een drankje. Dat is hier vandaag niet te vinden op dit tijdstip: we hopen dat dit ter gelegenheid van Hemelvaart is, want het kan gezelliger in dit stadje! Gelukkig vinden we een café waar wel geschonken wordt, maar geen hapjes worden gereserveerd. Omdat ik echt zwaar toe ben aan iets te eten, maak ik de serveerster duidelijk dat ik al blij zou zijn met wat chips of een paar stukjes kaas en ze snapt het: er moet iets te eten komen. Als ze even later onze drankjes brengt (we zitten lekker in “informele” achtertuin) vertelt ze dat de tosti’s in de maak zijn. Ze smaken prima en ik knap er weer helemaal van op.

’s Avonds zijn er wel wat eetgelegenheden open en na een uitgebreid onderzoeksrondje eten we bij Maharadja, een prima Indisch restaurant.

Over de rest van de avond kan ik weinig vertellen, want ik ben bij terugkeer meteen het bed ingedoken. Morgen gaan we naar de eerste camping; in Vendôme.

Geplaatst in Uncategorized | 1 reactie