Afscheid van Myanmar

Om 4.50 uur zijn we wakker.
We hoefden “pas” om 5.00 uur wakker te worden, omdat we om 5.15 beneden een tuk-tuk konden aanhouden die ons naar de zonsopgang bij de U Bein brug kon brengen. We waren dan goed op tijd want het was maar 10 minuten rijden, begrepen wij gisteren van de receptioniste.

Omdat we dus nog even tijd over hebben, doet Peter zijn i-pad open en kijkt wanneer nu precies de zon opgaat hier. 6.45 uur!!!
He?
Hebben wij het gisteren verkeerd verstaan?

Peter wil het nu zeker weten en gaat het checken bij de receptie, terwijl ik eigenlijk al een beetje onderuit zak en denk “Ik heb hier nog wel een uurtje…”
Maar hij komt terug met de mededeling dat we nu echt weg moeten… want de zonsopgang is om 5.30.

We wandelen naar buiten en binnen een minuut zitten we in een tuktuk.
Als we bij de brug aankomen, zijn we de eerste tuktuk die daar parkeert (en ik zal alvast verklappen dat we ook de laatste zijn…).
In het stikdonker wandelen we de brug op en we zijn het niet eens of we nu aan dezelfde kant de brug opgaan als bij de zonsondergang of niet. Hebben we die bomen vorige keer gezien? En die tempel? Pas veel later als we wat meer licht hebben, blijk ik het bij het rechte eind te hebben: het is dezelfde kant, maar dan zijn we al op een haar na bij de overkant geweest en wandelen terug, omdat het mooiste plaatje toch halverwege de brug te zien zal zijn. En dat is zo!

Heel lang twijfel ik of we die zon echt gaan zien, omdat ik het zo heiig vind aan de horizon, maar om 6.46 u.(!!!!) verschijnt hij in volle glorie.

Er zijn dan inmiddels heel veel foto’s gemaakt van monniken, kooplui en van mij, maar er kan altijd nog een betere gemaakt worden…


Uiteindelijk rijden we dus als laatste tuktuk het parkeerterrein weer af en moeten we de eerste schifting van 100 foto’s naar 50 maken.
Gelukkig hebben we genoeg tijd na het ontbijt. We vliegen pas om 13.00 u. naar Bangkok.

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Laatste stop in Mandalay

We hebben een plaats gereserveerd in de luxe bus van JJ Express om naar Mandalay te reizen: verwachte rijtijd, minimaal 8 uur.

Als de hob (half-open-bus) ons afzet bij het kantoor in het centrum verwachten we dat we daar de bus in stappen.
Het gaat iets anders.
Onze koffers blijven, samen met die van de andere passagiers in de hob en wij worden in een andere kleine personenbus geplaatst. Daar gaan we….
Dan verwachten we dat we aan de rand van deze stad in de luxe bus terecht komen, maar ook dat gaat anders. We rijden zeker 10 km. verder voor we over kunnen stappen in de luxe bus. Maar dan zitten we ook in een zetel!

We zijn heel blij dat we voor dit vervoer hebben gekozen. Vliegen ging vanaf een heel klein vliegveld in een klein vliegtuig, zo vermoed ik en privévervoer zou vermoedelijk het 10-voudige hebben gekost. Deze busrit kost nl. maar € 12 pp en daar krijg je dan ook nog water voor en 2 stukken cake en een zakje noten!
De enkele stop voor de hongerige Aziaten ons onder vindt plaats in een superschoon restaurant met dito toiletten.

Ik vermoed dat de buurvrouw van Peter aan de andere kant van het gangpad niet veel gegeten zal hebben daar, want die is al van begin af aan zo misselijk als een kat en gelukkig zijn we hier alleen auditief getuige van. (Een kleinigheidje houd je altijd…🤭).

7 1/2 uur later stappen we bij het hotel in Mandalay binnen.
We hadden hier niets van verwacht, want we betalen hier totaal € 25,—, incl. ontbijt, maar hebben dit geboekt omdat het heel dicht bij het busstation ligt en op nog geen 5 km. van de U Bein brug waar we morgenochtend zonsopgang ook nog wel eens willen zien.

We eten wat in het restaurant en ik vraag of ze rode wijn hebben. Eerst wordt het surrogaatdrankje aangeboden (3%), maar ik probeer het nog eens…”Rode wijn.?”
Dan duikt de ober onder de desk en tovert een fles Franse merlot tevoorschijn: in de roos!
”Wat kost deze fles?”, wil ik toch nog even weten.
Dat weet de ober niet en ook een telefoontje naar de receptie levert geen antwoord op. Als we even niet opletten is de ober verdwenen en zitten we wat vragend rond te kijken; maar ja, we zijn de enige gasten en de enige andere ober die we iets vragen, weet helemaal niet waar we het over hebben. We wachten rustig af.
Na een flinke tijd komt de ober de lift uit, lacht naar ons en schrijft de prijs op.
Wij vermoeden dat hij naar de plaatselijke slijter is gelopen om te achterhalen wat de wijn gekost heeft, maar daar zullen we nooit achterkomen.
De jongen heeft wel ontzettend zijn best gedaan en nadat ik voor de zekerheid de fles maar zelf ontkurkt heb, toosten we op Myanamar.

Geplaatst in Uncategorized | 2 reacties

Drie onvergetelijke dagen bij het Inle meer

Op vrijdag stappen we om 8.45 u. in een boot achter Spring Lodge Inn: het is een boot voor 2 passagiers die ieder een lekkere stoel met rugleuning hebben, een dekentje tegen de ochtendkou en zonneparaplu’s voor ‘s middags als het te heet wordt. De bootsman is een iets oudere man gezien de staat van zijn gebit (ik zie maar één tand), maar het is een schat van een kerel. Hij is behulpzaam, heeft al heel snel in de gaten wat we interessant vinden en past daar zijn vaarroute op aan.

Zo gauw we het meer opvaren, zien we verschillende vaar- en vismethodes. Sommige vissers proberen vis te vangen door in een fuik dat ze naar onder laten zakken, te prikken. Voor de toerist willen ze dan nog wel een stukje evenwichtskunst showen. Overigens zie ik er geen een op deze manier (of welke andere manier ook) een vis vangen. Anderen laten lange netten neer of halen ze op. Wat ze allemáál doen, is op één been op de smalle boot staan en met de andere een peddel door het water bewegen om in de gewenste richting te komen. Met de ochtendmist nog over het meer en de bergen hangend is het een fascinerend plaatje. Overigens trekt die mist maar gedeeltelijk op, want er hangt -zo blijkt later- veel smog, mede veroorzaakt door de vele branden die hier gesticht worden om
a. vuil  te verbranden en
b. de akkers waarvan pas geoogst is plat te branden omdat de as die men daaraan overhoudt, gebruikt wordt om het land weer vruchtbaar te maken voor de volgende keer.

We leggen aan bij een zilversmid waar we een kijkje in de keuken kunnen nemen en uiteraard is er verkoop aan verbonden. De jongedame die ons rondleidt spreekt zeer gebrekkig Engels en zegt alleen maar dingen die we al zien: “These are rings, these are bracelets, these are earrings…”. Maar ach, ze doet zo haar best!

We leggen ook nog aan bij een tempel, maar daar hebben we na Bagan niet meer zoveel zin in en we zijn daar binnen 10 minuten weg.  Wel kijken we nog even bij een sigarenmakerij.
Daarna hebben we genoeg commercieels gedaan en vragen we aan de bootsman om naar het Zuidwesten een kreek in te varen. Dat is geweldig! We varen stroomopwaarts en er is wat verval, waardoor we soms vaart moeten maken en via een smaller stukje omhoog moeten. Echt gaaf!

Als we aan het einde komen, is er een aanlegsteiger en een brug. Aan de overkant ligt een oude monastery en een flink stuk verder naar boven weer een tempelcomplex. We blijven hangen bij de vervallen monastery en dat is wat mij betreft een goede keuze. Je ziet dan wat er gebeurt als er niets onderhouden wordt en de natuur het overneemt: tempel wordt boom en omgekeerd.

Op de terugweg vraagt de bootsman  of we ook nog naar de groentetuinen willen. Dat willen we wel, maar vandaag niet meer. We spreken af met hem dat we dat zondag gaan doen.

Als we in het zwembad komen, zwemt Peter 1/2 ijskoud baantje en ik beperk  me tot in de stoel hangen. Als de stoelen in de zon vrijkomen, plakken we er nog een half uurtje aan vast en dan houden we het voor gezien. Dit was een geweldig mooie ervaring, vandaag!

En dan de zaterdag.
Dan pakken we de fiets: ik een gehuurde Giant en Peter een gratis fiets van het hotel waarvan hij dacht dat hij wel goed was. Totdat hij op de Giant rijdt als  hij die voor mij gaat ophalen (lief hoor!), maar hij doet het er toch mee: dan maar wat harder werken.

We rijden naar de westkant van het meer en laten ons met fietsen en al overzetten naar de oostkant. Een beleving op zich om te zien hoe primitief het aan toe gaat, maar we komen er wel! We hebben dan al staan kijken bij een huis waar een aantal  dames snoepjes aan het maken is van een kleverige massa. Naderhand komen we erachter dat ze die maken van suikerrietsap: erg lekker!

Als we aan de overkant aankomen zijn we bij een honderden meters lange houten brug op palen die een compleet dorp op palen verbindt met het vaste land. We wandelen over de brug die o.a. gebruikt wordt om romantische fotosessies te maken. Wij denken voor reclamedoeleinden want het gaat er professioneel aan toe.


Met een nog primitiever bootje laten we ons rondpeddelen door het dorp op palen.
Het leven van alledag gaat daar gewoon door en niets is daar nog gericht op toeristen.

Na afloop drinken we daar wat en Peter gaat zelfs naar een toilet op palen.
Al met al blijven we daar veel langer hangen dan we gedacht hadden, maar er is ook zoveel te zien…

Dan gaat de tocht verder aan de oostkant. We lunchen bij een wegrestaurant en bestellen de hele kaart. Er staan namelijk maar 3 gerechten op. De vis uit het Inle-lake is door de kokkin gevuld met kruiden en smaakt heerlijk!


Zij wijst ons op de mogelijkheid om een eindje verder naar een wijnproeverij te gaan (maar dat wisten we al maanden geleden) en we hebben dat natuurlijk in de planning zitten.
De Red Mountain estate bestaat pas 17 jaar en het ziet er luxe uit. Boven een mooi aangelegde tuin is een groot terras waar de 4 wijnsoorten worden geserveerd. We krijgen er zelfs nog pinda’s bij en dat allemaal voor omgerekend € 3,—


Eén van witte wijnen (de iets zoete) vinden we het lekkerst; één rode vinden we ronduit vies smaken. Om die smaak weg te spoelen bestellen we een glas van de witte en raken aan de praat met een van de bedienden die Engels spreekt. Hij (Romy heet hij) vindt zijn Engels niet goed genoeg. Alles heeft hij geleerd van de toeristen, maar hij komt niet vooruit. Geld voor Engelse les heeft hij niet en geen van zijn weinige vrienden wil/kan samen met hem leren en alleen is het zo moeilijk op te brengen. Toch is hij in staat om met ons een gesprek te voeren over Myanmar en vraagt ons ook naar Nederland.
Omdat wij “vrienden” van hem zijn geworden, zo verklaart hij, krijgen wij een privé-rondleiding door de “winery”. Alles ziet er superschoon en professioneel uit. De grote gekoelde wijnvaten, het bottlegedeelte: alles. Momenteel ligt alles stil, maar in februari en maart worden de druiven geoogst en dan is het hard werken.
Voor we weer op de fietsen stappen voor het laatste stuk van de route nemen we nog een flesje witte mee voor de komende dagen.

We hadden gedacht dat we wel rond een uur of twee in de middag terug zouden zijn, maar dat halen we op geen stukken na. Tegen 5 uur zijn we pas terug, maar het is een prachtige dag geweest.

Tenslotte de laatste dag  in Inle (want morgen gaan we terug naar Mandalay, omdat we dinsdag weer naar Bangkok gaan).
We varen weer het meer op: dezelfde boot, dezelfde bootsman en natuurlijk dezelfde mooie plaatjes van de vissers en deze keer zien we ook dat er wat gevangen wordt! En, we nemen een totaal andere route en leggen bij andere plekken aan.

Onze bootsman weet precies wat we interessant vinden en speelt daar perfect op in.
We bezoeken een drijvend dorp; een lotusvijver met weverij; een bamboebedrijf; een ijzersmederij en drijvende tuinen. Het hoogtepunt voor mij was het bezoek aan de lotusweverij.
Dit is de enige plek ter wereld waar stof geweven wordt van lotusdraad, al dan niet gecombineerd met zijde en of katoen.
Uit stukjes stengel van de lotusplant wordt draad getrokken en daarmee worden shawls en kleding geweven. Zowel het uittrekken van de draad als het op spoelen spinnen en het weven, is allemaal handwerk en als ik dit unieke proces zie, ben ik vastbesloten straks een shawl te kopen… tot ik de prijs zie. Voor een eenvoudig shawltje moet rond de $ 200,— betaald worden. En dan begint het grote afwegen met als resultaat dat ik er toch geen koop, hoe uniek ook. Ik ben al heel dankbaar dat ik dit allemaal mag zien: dat is genoeg.

We zien ook nog dat er boten vol geladen worden met wier dat opgeprikt wordt van de bodem van het meer. De boten liggen door de zwaarte van de vracht nog maar een fractie boven het water en er moet regelmatig water uit gehoosd worden. Wat moet dat een zwaar werk zijn!

Tegen 2 uur zijn we weer terug en we hebben deze middag nodig om alle indrukken  te verwerken.
Het leven op en rond het Inle meer heeft grote indruk op me gemaakt.

(Lunchpauze van de vissers op het water.)

Geplaatst in Uncategorized | 4 reacties

Naar het Inle meer

Gaan we met de bus? Gaan we vliegen?
Na wat onderzoek naar reistijden, -prijzen en -comfort, besluiten we met een privétaxi te gaan.

Om kwart voor negen gaan we naar de lobby om uit te checken en dan staat Job al op ons te wachten.

Het wordt een mooie rit, vooral het laatste stuk, en een lange: 6 uur.
Wij stoppen alleen bij een boerenbedrijf langs de weg, waar arachide-olie (olie uit pinda’s) wordt gemaakt. Het persen van de olie uit de noten (wij noemden ze vroeger thuis ook olienoten) gebeurt door een os, die al rondjes lopend de pers in werking brengt waardoor de olie onderaan in een fles/bak drupt. Er wordt ook palmolie, palmwijn en palmsuiker gemaakt. Uiteraard is het de bedoeling dat je iets koopt en Peter koopt een koek die hetzelfde smaakt als een kletskop.
Ook krijgen we een demonstratie van de zonnebrandbereiding. Ze maken een heel dun papje van boomschors door het stuk hout op een natgemaakte steen te wrijven, waarna ze de gelige substantie op het gezicht smeren.

Na een kwartiertje stappen we weer in en de rit wordt alleen nog een keer onderbroken voor een tank-/plaspauze.

Het laatste stuk gaat flink omhoog en ik kijk met bewondering naar Job die de passeer-  en afsnijdmogelijkheden net iets anders inschat dan ik😱
Ik constateer dat ik liever zelf achter het stuur zit dan hier achterin en tegelijkertijd zou ik hier niet willen rijden. Conclusie: het is goed zo en Job doet het geweldig.

Vlak voor we er zijn, gaat er even iets mis. Peter ziet via Google dat Job te ver doorrijdt en geeft een signaal af. Job wuift het weg, want hij weet de weg wel. In de volgende 10 km. vragen we nog zeker twee keer of hij zeker weet dat hij goed rijdt en/of vertellen we dat Google bij ons aangeeft dat hij verkeerd rijdt. Intussen is Job ook nog met iemand aan het bellen (wij vermoeden van ons hotel) en uiteindelijk moet hij toegeven dat hij het mis heeft en draait hij om.
Het laatste stukje rijdt hij knoerthard waardoor ik vermoed dat hij de smoor in heeft, maar verder laat hij niks merken.

Enigszins bezorgd neem ik afscheid van hem, omdat hij me onderweg heeft verteld dat hij hier niet overnacht maar direct terugrijdt! Ik wens hem een behouden terugreis.

Bij Spring Lodge Inle worden we met open armen ontvangen, hebben we een eigen huis met een grote kamer en badkamer. Er is een zwembad waarvan het water wel ijskoud is, merken we later, en ze hebben een lekker restaurant!
Er zijn fietsen voor de gasten en ze bieden boottochten op het meer aan.

Als we ‘s avonds na het eten weer in onze kamer komen, hebben ze intussen het zeer grote muskietennet over ons bed gedrapeerd en er ligt een kaartje met een welkomsttekst en 2 snoepjes. En dan hebben we al een fruitmandje gekregen….

We boeken dezelfde avond een nacht bij en regelen een boottocht voor morgen op het Inle meer.

Geplaatst in Uncategorized | 1 reactie

Afscheid van Bagan

Wat hebben we hier een fijne laatste dag.
Ons aanvankelijke plan om met een tuk-tuk een toer langs de mooiste tempels en bezienswaardigheden te maken, hebben we laten varen: we gaan weer zelf met de elektrische fiets toeren.

Ik ga geen namen van tempels meer noemen, want dat is totaal niet belangrijk voor de beleving van vandaag. We rijden voornamelijk off-road en staan soms op een punt waar ik wil stoppen en rondkijkend en 25 tempels tel.


We zien nu onderweg veel dagelijks leven: houthakken in het bos, een boerderij managen, geiten hoeden.
We zien ook twee pasgeboren geitjes: de navelstreng hangt er nog aan en ze kunnen ook nog niet goed staan.
Een oudere dame, vermoedelijk ook een toerist, is zo enthousiast dat ze blootsvoets het veld inrent om de geitenhoudsters te vertellen dat er een babygeitje is en dat ze niet verder mogen gaan met achterlating van de moeder met pasgeborene. Ze vergeet in haar enthousiasme dat ze blootsvoets  is en trapt in zo’n bolletjesplant met 1000 stekeltjes. Ze moet uit het veld “gered” worden door de geitenhoeder die haar een paar slippers aanreikt, waarna de met vingers en water proberen de voetzolen weer enigszins in orde te krijgen.

Bij een andere tempel is de groene loper uitgelegd, staan er paarse plastic stoeltjes in twee tegenover elkaar liggende rijen opgesteld en staan er een 6-tal mooie meisjes (ook in het paars) klaar als ontvangstcomité: er wordt een vip uit Cambodja verwacht. We weten niet zeker of we de vip zelf zien, maar er wordt wel iemand door de tempel begeleid op een manier die we nog niet eerder zagen: onder begeleiding van Cambodjaanse beveiligers.


We kopen een klein buddhabeeldje als aandenken aan Myanmar en de verkoopster wijst ons de weg naar een tempel met hele mooie wandschilderingen. Helaas mag je hier geen foto’s van maken en we zijn braaf, deze keer.

Peter zoekt steeds routes buiten de begane paden en dat vind ik wel leuk! Totdat we op een veld rijden waar nog nauwelijks sprake is van een weg.  “Gaat dit pad wel ergens naar toe?” roep ik. “Jaaaa..” hoor ik en ik geef gas. Dan zie ik Peter links naar beneden verdwijnen en hoor ik hem roepen “Blijf maar!” Maar het is al te laat: ook ik ben linksaf geslagen en kom in een afdaling met mul zand. Gelukkig kan ik nog na een paar meter stoppen, maar beneden mij zie ik Peter staan worstelen met zijn brommerfiets: het achterwiel graaft zich steeds dieper in het mulle zand.
Op dat moment realiseer ik me wat het betekent als je ergens in verzand raakt….

Enfin, na wat samenwerking en flinke inspanning staan de twee fietsen en wij weer boven en kunnen we terug: verder op deze weg is geen optie meer, we gaan niet meer van het padje af!

We sluiten ons verblijf in Bagan af met een etentje bij Elodie, een restaurant om het hoekje van ons hotel. Ik weet niet wat dat is met ons, maar we treffen het iedere keer zo goed. Het eten is heerlijk, de serveersters lopen het vuur uit hun sloffen om het ons naar de zin te maken en als we weggaan worden we door 5 serveersters omhelst en één fluistert zelfs tegen mij “I love you” waarop ik alleen maar kan stamelen “Nu al?……”

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Bagan

We verkennen Bagan vandaag per (elektrische) fiets. Ik vind het geen fiets, want er is geen trapper te vinden.
Prima, dan brommeren we toch tijdens deze eerste tempeltocht!

In Bagan zijn meer dan 4.000 tempels, alle gebouwd tussen de 9e en de 13e eeuw. We hebben een globaal plan welke tempels we vandaag gaan bekijken, maar daar wijken we binnen 2 km. al van af. “Even hier kijken, dit ziet er al zo mooi uit!”

En het klopt: het is indrukwekkend. Bij deze tempel is er zelfs speciaal een trapje ingebouwd zodat je het geheel ook eens van bovenaf kunt bekijken, want op de tempels zelf mag je natuurlijk niet klimmen.

Eerst is de Ananda Pahto aan de beurt. Het is een grote vierkante tempel waar binnenin bij elke windrichting een hele grote buddha staat. Bij een van de buddha’s  verandert de gezichtsuitdrukking als je dichterbij komt. Van veraf is het een gezicht met een lach, die dichtbij verdwenen is. Heel apart.
Ook de Shwezigon Paya gaan we bekijken. Rondom een grote stoepa liggen verschillende tempels gegroepeerd. Behalve de bezoekers zitten/liggen hier op het terrein gezinnen met kinderen waardoor we bijna de indruk krijgen in een dorp beland te zijn.

(De bovenste 2 foto’s hebben we niet zelf gemaakt, maar ze geven wel een goede indruk van de omgeving en het tempelcomplex; vandaar.)

We hebben een heel relaxte dag. Na de lunch bij een Thais restaurant, bekijken we nog wat tempels, nemen een drankje onderweg, genieten van de zon, van de mensen…

Het einddoel is de zonsondergang op de heuvel bij een meertje.
Toen wij Bagan inreden gisteren, moesten we een entreepas kopen waarmee je alle tempels mag bezoeken. We werden op de foto gezet en kregen een printbonnetje met een QR-code. Daar moesten we wel een foto van maken, werd geadviseerd want die konden we dan desgevraagd op onze telefoon laten zien.
Het moet niet gekker worden, dacht ik toen.
Maar dat wordt het vandaag wel. Als we bij de heuvel aankomen, wordt er naar de entreepas gevraagd. Peter laat op zijn telefoon de QR-code zien en op het scherm van de controleur verschijnt onze foto!


We zijn daar zo’n beetje de eersten die een stekje uitzoeken, maar de ambulante handel is al aanwezig. Met een van de verkoopsters raak ik aan de praat, eigenlijk omdat ik niets van haar wil kopen. De gelakte doosjes met onderzetters zijn erg mooi, maar ik kan/wil niet alles kopen wat ik mooi vind, zeker niet als ik het niet echt nodig heb. Bovendien moeten we woekeren met de ruimte in de koffers.

Ze snapt het en blijft vriendelijk. We praten over haar leven: haar werk, haar kinderen, haar familie en ze informeert naar het onze. Deze vrouw blijkt analfabeet, maar werkt zich wel 10 slagen in de rondte om te zorgen dat haar oudste zoon in het eerste jaar op de universiteit zit en haar jongste zoon op de middelbare school. Hij is de beste van de klas en daar is zo blij om. Ze vertelt ook dat ze zo blij is met haar man: hij vindt het namelijk goed dat zij ook háár ouders financieel ondersteunt. Haar familie is haar alles!

Na een uur wordt het een stuk drukker op de heuvel en gaat ze proberen nog wat te verkopen, maar – zo belooft ze – ze komt straks nog wel terug hoor. En dat doet ze, wel een paar keer. Ze maakt foto’s van ons en vertelt over de bomen en planten die er staan. Wat er van gegeten kan worden, waar medicijnen van gemaakt worden….

Als we na zonsondergang even naar haar en haar man die verderop zandtekeningen verkoopt, toe lopen om te zeggen dat we weggaan, is het afscheid heel mooi. Ik krijg een knuffel van haar en een warme handdruk van hem en we wensen elkaar een mooi leven toe.

Geplaatst in Uncategorized | 2 reacties

Met de bus naar Bagan

De busreis naar Bagan valt ons niet mee.

– Om half 10 vertrekken we en we zijn tegen 3 uur ‘s middags op onze bestemming in Bagan: Bagan view Hotel: meer dan 5 uur.
– De bus is een klein busje waar zo’n 16 personen ingewrongen worden: de beenruimte is ontzettend klein, waardoor een grote Spaanse knul waar we even mee gesproken hebben voor het vertrek zich min of meer moet dubbelvouwen om erin te passen.
– Er is geen kofferruimte; de koffers worden voorin naast de chauffeur opgestapeld  en verder verdeeld onder de stoelen, zodat je nog  geen millimeter overhoudt om je tenen wat ruimte te geven.
– Én het busje heeft ook een Van Gend en Loos-functie: de eerste 20 km. wordt er voortdurend gestopt om goederen in te laden die dan overal tussengefrot worden: bovenin de rekken (maar daar past  bijna niks in) of gewoon in het gangpad.

Er is een lange stop van 20 minuten tijdens lunchtijd, maar wij durven daar niets te bestellen: Peter heeft al last van zijn maag en ik probeer het te voorkomen.
Bij de andere korte stops – sanitair of tanken – wordt het busje belaagd met verkoopsters.

Wat me onderweg verbijstert, is de enorme  hoeveelheid plastic zwerfvuil dat zich op de bermen bevindt: onvoorstelbaar gewoon!

 

 

 

 

Gelukkig is het hotel prima: het ligt lekker rustig; we logeren op de begane grond, we krijgen prima info over alle mogelijkheden en ze hebben (elektrische!) fietsen te huur. Ik vind het meer elektrische brommertjes, want er zit geen fietspedaal op, maar daar gaan we morgen eens lekker mee aan de slag.

 

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Met de boot naar Mingun

Om 8 uur worden we opgehaald om naar de boot naar Mingun te gaan. Die vertrekt om 9 uur, maar we moéten om half negen inchecken!
Nou, dat valt mee. De ticketverkoop gaat pas even na half negen open en de dames moeten veel weten en noteren: o.a. ook hier weer je paspoortnummer en in welk hotel je logeert.

Het is weer heel interessant om te zien hoe het hier bij de aanleg”steigers” niet geregeld is. Passagiers moeten een vrij steile helling af waar in het zand min of  meer treden zijn ingesleten. Het instappen in de juiste boot gaat over tijdelijke loopplanken via andere boten en de leuningen worden vastgehouden door jongens die je ook nog wel een handje ter ondersteuning willen geven.


Omdat we best lang moeten wachten op een rommelige aanlegplaats met brommers, vrachtauto’s en loslopende honden, raken we aan de praat met een Italiaans echtpaar dat ook in ons hotel logeert en dat we al eerder zagen. Een jong Indiaas meisje (zij blijkt 31 jr. te zijn) hoort het gesprek en zegt in gebrekkig Nederlands: “Ik woon ook in Nederland! In Helmond.”
Die opmerking resulteert in een aantal mooie en van haar kant zeker, openhartige  gesprekken tijdens de bezoeken aan de prachtige tempel in en de onafgebouwde, uit de 18e eeuw die de hoogste ter wereld had moeten worden. Het ene verhaal erom heen is dat de bouw destijds is gestopt omdat er een voorspelling was dat de koning zou sterven als de bouw gereed zou zijn; een ander verhaal zegt dat de bouw gestopt is, omdat de koning overleed.



 

 

We zien hier ook de grootse koperen klok ter wereld: 5 meter doorsnee en 4 meter hoog.
In deze plaats vinden we ook een bejaardenhuis voor ouderen die niemand hebben die voor ze zorgt. Het is de enige officiële bejaardenhulp in heel Myanmar.

De hele entourage rondom het bezoek is weer heel toeristisch met veel kraampjes en vaak opdringerige verkoopsters: ik had dat eerlijk gezegd juist in Myanmar niet verwacht. Maar ja, met het opkomende toerisme zien de mensen hier natuurlijk ook hun kans schoon om wat meer inkomsten te krijgen.

Als we terugvaren zien we langs de kant vuilnisbelten waar mensen op wonen. Jongetjes wassen zich in het water waarin een meter verder de was gedaan wordt en tanden worden gepoetst…..

De taxichauffeur vraagt op de terugweg wat we ‘s middags van plan zijn te gaan doen en we zeggen het heel eerlijk: helemaal niks!

Morgen gaan we met de bus naar Bagan.

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Mandalay

Als we ‘s morgens aan het ontbijten zijn, hoor ik de typische Aziatische straatgeluiden door de openstaande ramen: roepende kooplieden, getoeter van auto’s en brommers.
Als we even naar buiten kijken, zien we Azië ook. Beneden in de straat is een markt aan de gang.
Even later wandelen we erover heen en wat opvalt is de vriendelijkheid van de mensen. Ze leggen graag iets uit in woord en gebaar en wat ze nog maar meer kunnen doen om contact te maken. “Ja, dat zijn vogels” (en ze maken vliegbewegingen); “Dit is aanmaakhout, ruik eens hoe lekker!” Het is de georganiseerde chaos van het Oosten.

Een uurtje later zijn we met de tuk-tuk op weg naar de van teakhout gemaakte tempel “Shweinbin Monastery“. Er wonen nog 35 monniken in de huisjes rond de tempel en hun voornaamste bezigheid is het bedelen in de ochtend en de rest van de dag mediteren.

Er is ook een speciale meditatieruimte voor vrouwen. Zij zitten op de grond met een muskietenhuif over zich heen. Ik denk dat het geen beginners zijn, want niemand geeft een enkele reactie op onze aanwezigheid (die natuurlijk wel heel discreet is…)


De tempel is mooi, maar de sfeer eromheen doet ook heel veel.
Wat ik wel altijd vervelend vind,  is het bordje “take off your shoes”. Zo’n gedoe…
en vaak volgt er dan een (tegel-)paadje waar niet goed geveegd is waardoor er kleine steentjes in je voetzolen prikken en/of een pad dat vol duiveshit ligt.
Hier doe ik het gewoon niet, want je moet op hele terrein blootsvoets lopen (betegeld en in het zand) ook op weggetjes waar gewoon auto’s rijden! Peter doet het wel en trapt bijna in een verse hoop shit van een m.i. behoorlijk zieke kat…

Bij de Shwenandaw Monastery, ook heel mooi, ben ik gefascineerd door de verhuizing van een “kantoor” van de toeristenpolitie. Met pure mankracht wordt gewoon het kantoor opgetild en naar een plek 50 meter verderop, versjouwd.
Ik heb het een tijdje staan aanzien en dan zie je b.v. heel goed wie in zo’n groepje de   leiding neemt en wie alleen aanwijzingen geeft en verder zijn snor drukt.
Zo’n verplaatsing is trouwens levensgevaarlijk, want ze doen dit gewoon tussen de toeristen in en het kantoor helt een aantal keren flink over naar één kant en je moet er niet aan denken wat er gebeurt als de mannen de grip verliezen. Maar het loopt weer goed af.


Het koninklijk paleis is de hoofdattractie hier in Mandalay. Het ligt in een groot vierkant in de stad en er zij  speciale maatregelen om het terrein op te mogen.
Uiteraard moet je betalen, maar je moet ook een paspoort inleveren (handig als je dan een internationaal rijbewijs hebt, want dat ANBW-papiertje vinden ze ook voed). Je tuk-tuk mag het terrein niet op. Dat mag dan weer wel met een andere taxi die daar 1 meter verderop staan. Deze chauffeur is ook heel aardig, spreekt bovendien wat Engels en kan bij elk gebouw waar hij ons naar toe rijdt wel iets vertellen.
Het paleis doe je te voet en ook daarom heen staan weer verschillende tempelachtige gebouwen. Ik hoop  dat de foto’s iets beter duidelijk maken hoe het eruit ziet saar, want ik merk dat ik het slecht uitgelegd krijg.
Het paleis is niet echt mooi, vind ik. Een kwastje verf zou geen overbodige luxe zijn, maar het totaal met al die fotograferende toeristen erbij, maakt het toch weer tot  mooi bezoek. Een monnik die ook met Peter op de foto wil, vertelt dat de mensen uit Myanmar het fotograferen – vooral met buitenlanders erbij – tot hobby hebben gemaakt. En dat hebben we al gemerkt. Een paar keer wordt ons gevraagd of er een foto met ons gemaakt mag worden.

Maha Atulawaiyan is de laatste tempel waar we naar toe gaan, maar ik merk dat ik een beetje tempelmoe word….
We laten ons weer lekker naar huis rijden en gaan lunchen bij de buurman het Chinese BBQ-house. De kaart is beperkt, maar je stelt wel het gerecht zelf samen: sterker nog uit een afgesloten, gekoelde vitrine verzamel je zelf de ingrediënten waar zij dan daarna b.v. een lekker noodlesoep van maken. Superhygiënjsch en dat is hier voor zover ik het kan beoordelen nogal zeldzaam.
Het is zo lekker dat we er ‘s avonds terug naar toe gaan en hun gebakken dumplings 🥟 eten.

De middag brengen we door op het dakterras, in en naast het zwembad. Tegen half vijf worden we opgehaald door een taxi die ons naar de U-bein brengt, de beroemde teakhouten brug uit 1870; een attractie om daar naar de ondergaande zon te kijken.
De chauffeur is een afgestudeerde biochemicus die, net als zoveel andere jonge academici, geen werk kan vinden op zijn niveau en nu al een jaar of drie taxichauffeur is. Hij spreekt goed Engels en geeft ons heel wat info; echt fijn.
Als we bij de brug aankomen, weten we niet wat we zien. Het lijkt Valkenburg wel!

Als we ons door de kraampjes geworsteld hebben, lopen we met honderden anderen de teakhouten brug op. Ik vind het doodeng, want er zijn geen relingen; de brug is niet breder dan 2-2,50 m. en behoorlijk hoog (ik schat een meter of 4). De plankjes sluiten ook niet echt goed aan, zodat er flinke spleten zijn waardoor je aanvankelijk het veld ziet waar de brug overheen gaat en verderop natuurlijk het water. Het zweet staat in mijn handen….als hier toch paniek uitbreekt….
Peter schijnt nergens last van te hebben, want hij loopt rustig door naar het middenstuk van de brug waar we de zonsondergang het beste kunnen zien,  volgens onze chauffeur. Ik moet hem even roepen en vragen of we misschien samen kunnen lopen, want ik voel me steeds onzekerder en dat doen we. Als we bij het midden zijn ( de brug is 1,2 km. lang) is er wel een stuk reling en staat de brug op betonnen palen en dat  voelt een stuk beter. Even verderop kan ik zelfs even zitten op een breder stukje en dan pas kan ik echt genieten van de schitterende zonsondergang op deze bijzondere plek.


Het is al met al een mooie dag geweest hier in Mandalay.

 

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Myanmar- Mandalay


“Nog 670 bochtjes, Tineke, dan zijn we weer in Chiang Mai.”
Ik denk dat Peter een grapje maakt, maar dat blijkt niet zo te zijn. Hij heeft zich ingelezen (ik niet) en deze weg van Pai naar Chiang Mai staat bekend om zijn 670 bochten.

We zijn nog maar goed en wel op weg, als het busje dat ons zoëven passeerde langs de kant staat en een van de passagiers hevig staat te kotsen. “Nog maar 650 bochtjes te gaan, meneer!”

We hebben de afgelopen dagen al heel wat bochten gereden, maar hier zit de eerste twee uur echt geen recht stukje weg in: een en al haarspeldbocht. Ik moet supergeconcentreerd rijden, maar ik vind dit wel leuk! Peter iets minder, zo vertelt hij me als we ‘s middags op het vliegveld staan en elkaar een high five geven omdat we het er weer zonder brokken vanaf gebracht hebben.

Omdat we vrij vroeg vertrokken zijn en alleen een koffiepauze hebben gehouden bij het heksenrestaurant, hebben we ruim de tijd om uitgebreid te lunchen. Maar waar?  Peter ziet op zijn gsm dat er vlak voor Chiang Mai een stuk groen ligt met een meertje. Zullen we daar eerst even stoppen?
Hij geeft aanwijzingen, links, rechts, rechtdoor, terug etc. en uiteindelijk sta ik op een doodlopende weg, kan niet meer keren en moet achteruit terug (en als ik ergens een hekel aan heb….).
De tweede poging is succesvoller, al lijkt het daar even niet op: we rijden een golfpark op. We kunnen bij de slagboom doorrijden en komen bij een heel mooi restaurant aan, met uitzicht op de golfbaan (de green heet dat geloof ik). We vermoeden dat we hier iets meer kwijt zullen zijn aan de lunch, maar we doen het gewoon. We krijgen de menukaart en zien tot onze verrassing dat ze ontzettend veel gerechten hebben tegen dezelfde prijs die we gewend zijn. En het eten is ook nog eens heel lekker. Wat zijn we toch bofkonten!

We vliegen naar Myanmar met Bangkok Air en daar ben ik wel blij om, want de vorige vlucht zaten we in een heel klein vliegtuig en dat vond ik toch niet zo fijn.
Als we met het busje bij het vliegtuig worden afgezet, kan ik mijn teleurstelling bijna niet onderdrukken: deze kist is net zo klein, zo niet kleiner.
Wat me enigszins geruststelt is de tekst op de hoofd”servetje” van de medepassagier voor me: Bangkok Air is voor de vierde keer op rij verkozen tot de beste regionale vliegtuigmaatschappij ter wereld én van Azië. Nou, als je daar geen moed uit put!Als we in het hotel in Mandalay aankomen, is het al donker.

Morgen de boel eens een beetje verkennen hier.

 

Geplaatst in Uncategorized | 2 reacties